Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich kenmerkend als boetgezant - en wat zeggen van hem? Dat hij van den duivel bezeten is. En de Zoo des menschen is gekomen, etende en drinkende - dwz deelnemend aan het gewone maatschappelijke eve e a n de genoegens van het gezellig verkeer - en nu hebbende menschen weer de aanmerking: Ziedaar een brasser en zwelgei, een vriend van tollenaars en zondaars.

Men kan het den menschen bezwaarlijk naar den zin maken bedoelt Jezus. Zij zijn gelijk aan kinderen, die op de mark spelende elkaar toeroepen: „Wij hebben voor u op de fluit gespeeld en gij hebt niet gedanst; wij hebben klaagliederen gezongen en gij hebt geen rouwmisbaar gemaakt . M.^ a. w als de eene helft dit spel wil spelen, wil de andeie juist dat spel. Altijd dwars tegen den man in^ ^ ^

32. De deugd der bescheidenheid.

Jezus betrapte eens zijn leerlingen op een woordenwisseling over de vraag, wie de meeste, de vooi„aamste, was in het koninkrijk der he^le^ En hij zei tot hen: „Indien iemand de eerste zijn wil, d e zij de allerlaatste en aller dienaar. Want wie de m.nseis onder u allen, die is groot". Daarop nam hij een kind en stelde dat in hun midden en sprak tot hen: „\oorwaar, ik zeg u, indien gij u niet verandert en wordt gelijk de kinderen, gij" zult het koninkrijk der hemelen niet ingaan. \\ ie zichzelven vernedert gel«k het kind, die is de meeste in het

koninkrijk der hemelen".

En andermaal, toen Jae obus en Johannes, bij monde van hun moeder, een eerzuchtige vraag tot Jezus richtten over het zitten ter zijner rechter- en linkerzijde in zijn koninkrijk, en de andere discipelen zicli daarover boos maakten, riep Jezus hen met elkaar tot zich en zei: „Gij weet, dat de oversten der volken over hen heeischen e de grooten gezag over hen voeren. Zóo zal het onder u niet

Sluiten