Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. De tweede klasse wordt gevormd door de verslaafden of drankzuchtigen, die door een weinig alcohol zoo geweldig worden opgewekt, dat zij als slaven meegesleept worden tot een al-door-en-door gebruiken — hetzij met het gevolg, dat zij leven in een voortdurenden „roes" of dat zij telkens in vlagen van dronkenschap vervallen.

Ook dezen, 't is duidelijk, moeten „afschaffers," gewoonlijk zelfs ,geheelonthouders" worden. „Er is hier maar één middel, zegt Dr. Teilegen, maar één weg, en dat is de volstrekte onthouding. Het eerste borreltje, dat men onder die omstandigheden drinkt, brengt onvermijdelijk verderf aan. Ook bier en wijn acht hij voor den drankzuchtige beslist gevaarlijk.

Het kan niet ontkend worden —schreef Paus Leo XIII reeds in 1887 aan Mgr. Ireland — dat de geheelonthouding het juiste en afdoende middel is voor dit ontzaglijke e u v e 1."

Maar hoe zullen wij dat legio zwakken en verslaafden tot afschaffing of geheelonthouding — al naar het wezen moet — overhalen?

Door de hulp eener onthoudings-vere e n i g i n g.

De meesten vallen niet uit boosheid maar uit zwakte, ten gevolge van de verleiding der drinkgewoonten.

Wanneer wij dus in onze tot alcohol opwekkende maatschappij een andere maatschappij vormen, waarin de drinkgewoonten niet heerschen — een genootschap, dat de zwakken kort en goed in staat stelt te zeggen: „ik doe niet mee," — dan zijn de meesten gered.

Het Frotestantsche Blauwe Kruis in Zwitserland had in 1897 13000 leden, waaronder 5200 gewezen drinkers. Zouden wij, Katholieken, niet dezelfde macht kunnen ontwikkelen? Wie onzer zou zulks durven beweren?

Maar als wij het kunnen, dan moeten wij het ook doen.

Sluiten