Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En dat gebeurt voor een groot gedeelte, omdat men het verkeerde ervan niet begrijpt, of omdat men het zoo gewoon is.

Dat moet anders worden. De wereld moet zich zelf herzien en de Christelijke matigheid in eer herstellen. En dat zal alleen geschieden door genootschappen van onthouders.

Wanneer de H. Johannes de Dooper succes had met zijn prediking van boetvaardigheid, dan was het omdat hij een kleed van kemelshaar droeg en het schamele voedsel der woestijn gebruikte. De Joden gingen daarom nog geen kleederen van kemelshaar dragen — dat hoefde ook niet — maar zij begrepen den ernst van zijn woord en deden, ieder op zijn wijze, boetvaardigheid in hun stand.

Zoo zal ook de prediking, dat men minder jenever moet drinken, alleen dan uitwerking hebben, wanneer in een stad of dorp voortdurend een groep menschen gezien wordt, die er volstrekt geen gebruik van maken; en de terugslag van de geheelonthouding zal niet zijn, dat men de wijn-en biervaten op straat uitgiet — dat hoeft ook niet — maar dat men gaat nadenken en ... . de tweede flesch dichtlaat.

Hier past het woord van De Tijd van 25 en 26 April 1898: „Dat de bestrijding van het drankmisbruik, desnoods door geheelonthouding van sommigen, een maatschappelijke plicht is, schijnt ons onaantastbaar. Dat komt ons voor, geheel in overeenstemming te zijn met de practijk der Kerk, die door haren goddelijken Stichter voorgelicht, de versterving in hoogen graad aanprijst niet enkel voor sommigen harer kinderen, maar ze acht te behooren tot haar welgeregeld bestaan. Gelijk de religieuze orden door het naleven der evangelische raden — zoo eenigermate behooren de geheelonthouders door hun voorbeeld anderen ten minste tot matigheid te vermanen en op te wekken."

Maar hierbij mag vooral niet vergeten worden de

Medewerking van de vrouw en het kind.

Wie een maatschappelijke kwaal wil genezen, moet

Sluiten