Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werp wet, in de eerste plaats zal overgaan niet zeer gelukkig achtten en tegen den prijs van f 260.000 bedenking hadden.

„Men kon de vrees niet onderdrukken", zoo lezen wij in het afdeelingsverslag, „dat de gansche operatie, zooals die thans wordt voorgesteld, in financieel opzicht meer ten bate van de Weeskamer zal komen dan van het rijk".

liet is om op deze zinsnede een helder licht te laten vallen en aan te toonen, dat zij, die zoo spraken, inderdaad gelijk hebben, dat wij ons de moeite hebben gegeven de cijfers, op Nanggoeng betrekking hebbende, te verzamelen.

De regeering kon al inderdaad geen ongelukkiger keus hebben gedaan dan juist dit land het eerst op het programma van aankoop te brengen, want Nanggoeng, of eigenlijk Tjoeroeh Bitoeng, is in hooge mate onrendabel en een proefneming als deze moet ongetwijfeld van ongunstigen invloed zijn op de meening van hen, die te eeniger tijd geroepen zouden kunnen worden, een groote leening tot aankoop der particuliere landerijen te financieren.

Want een van beiden toch: de regeering neemt de zaak der particuliere landerijen ter hand of zij laat die rusten. In het eerste geval kan zij — maar daartoe toont deze regeering weinig neiging - onteigenen, of zij kan terugkoopen. Terugkoop echter, bij een half millioen gulden per jaar, zoodat ruim een eeuw zou moeten verloopen, alvorens het plan volvoerd zou zijn, is te ongerijmd 0111 er lang bij stil te staan. liet zal dus, in dit geval, tot een leening moeten komen, die voortwei kt op de thans in overweging zijnde proefneming voor het eerste jaar van terugkoop; een leening door Indie, een soort -Bodencredit , waarbij rentabiliteit en waarde van onderpand groote rollen spelen.

hn hoe dan, wanneer het eerste toonbare pand beneden de waarde blijkt te zijn en de rentabiliteit daarvan uiterst slecht ia?

Zooals men weet, gaf de Weeskamer te Batavia eene aanzienlijke som als hypotheek op het land Nanggoeng, dat, blijkens eigendomsakte van den 21e» October 1878 no. 1520, ten name stond van den heer H. P. van Motman, terwijl bij dezelfde akte aan den heer P. C. van Motman een levenslang vruchtgebruik van zijn aandeel was verzekerd.

Sluiten