Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toen hij schreef in de Heraut van 3 Juni van dat jaar (in gelijken geest als wij thans schreven aan het adres van de mannen der nieuwe actie): „Ik eisch niet, dat allen, die zich bij eene beweging aansluiten, haar in hare drijfveeren en gevolgen doorzien, maar alleen, dat de beweging zelve van schriftmatige beginselen uitga. De dragers van een beginsel worden door dat beginsel geweerd of gecorrigeerd"... Alleen de geordende weg is geoorloofd en alleen in dien teeg zijn ivij sterk. Maar toch waag ik het te zeggen: de uitkomst, iedere nieuwe uitkomst oordeele tusschen mij en de broeders!"

Inderdaad, wel heeft de uitkomst hier geoordeeld!

Ten slotte nemen wij hier nu nog over, wat Br. Hoedemaker in 1886 in bovenvermeld stuk schreef als laatste waarschuwing aan den vooravond der doleantie, hetgeen ook nu tot waarschuwing moge strekken tegen den o. i. verkeerden weg van den „Bond tot vrijmaking der kerken":

„Het verschil, waarvan wij hier spreken, is niet incidenteel, maar principieel.

„Het gaat om de verhouding der plaatselijke kerken, die tezamen als liet Ned. Herv. Kerkgenootschap te boek staan, onderling tot elkander en tot de organisatie van 1816.

„Vormen deze kerken een Bond; veronderstelt die Bond eene vrijwillige toetreding op grond van hetgeen men „een accoord van kerkgemeenschap" noemt, kan die gemeenschap worden aangeduid door het woord „kerkverband" en wel „confoederalief (verbondsgewijs) kerkverband", dan bestaat er eigenlijk geen „kerk" in den zin, waarin dit woord ook wel wordt gebezigd <jm de georganiseerde eenheid van een bepaalde kerkengroep aan te wijzen. Dan is het verder, onder gegeven omstandigheden, geoorloofd, dat eene plaatselijke kerk handelt, alsof dc organisatie niet bestond, zonder vooraf de medewerking der andere kerken in te roepen, ten einde haar te wijzigen of op te heffen. Dan kan m. a. w. het „kerkverband" als iets bijkomstigs en uitwendigs worden weggedacht, zonder dat de afzonderlijke kerken hiermede haar karakter verliezen of ophouden met elkander in gemeenschap te staan... Dan is eindelijk het optreden van de afzonderlijke kerken als zoodanig geen „uittreden uit", geen „losmaken van" hot kerkverband, maar worden de kerken, die op dezen weg niet meegaan, eenvoudig weggedacht...

„Is het daarentegen altijd en overal Jezus Christus, die,

Sluiten