Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vloot binnen de Vlaamsche banken terug te trekken, waartoe de mindere diepgang der kleine Hollandsche schepen gelegenheid gaf. De zware Engelsche zeekasteelen konden ze hier niet volgen, en dus bleef de vloot grootendeels behouden. De ongehoorzame kapiteins werden met schorsing ol boete gestraft, maar volgens de meening \ an De i t h lang niet streng genoeg. Hij nam mismoedig ontslag, en nu kwam Tromp opnieuw aan 't hoofd der vloot.

In allerijl werd de zeemacht tot op een sterkte van 90 zeilen gebracht, waaronder echter vele gewapende koopvaarders. Haar taak was een handelsvloot van wel 400 schepen door 't Kanaal te geleiden. Daar men door w indstilte niet vooruit kon komen, zond Tromp de laatsten naar de havens terug onder bescherming van 5 oorlogsbodems, terwijl hij met de overige den vjjand opzocht. Hijzelf, de vice-admiraal Jan Evertsen, de commandeur De Ruy ter en de schout-bij-nacht Pieter Floriszoon voerden de verschillende eskaders aan. Bij Dover kwam het tot een treffen met Blake, die 50 schepen onder zijn bevel had. Het was een heete strijd (10 Dec.), waarin de meerdere talrijkheid onzer vloot door den grooteren omvang en betere uitrusting van den vijand werd opgeheven. Verscheidene Britsche schepen gingen verloren, terwijl Tromp slechts één schip verloor, dat in brand was geraakt. Gaarne had hij den volgenden dag 't gevecht hervat, doch toen was er geen vijand meer te zien.

In t voorjaar van 1653 was Trom p, weder met D e Ruy ter, Jan Evertsen en Pieter Floriszoon als onderbevelhebbers, in zee, maar minder goed uitgerust dan de Engelschen, die zich den winter te nutte gemaakt hadden. Op de hoogte van Portland gekomen met 150 koopvaarders, die aan zijn bescherming waren

Sluiten