Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tusschen de kleuren, die de verschillende nuancen voorstellen, in vijf gelijke deelen verdeeld, die het spectrum in zeven-endertig schakeeringen splitst.

lp. Wanneer twee kleuren vermengd worden, is het resultaat in elke verhouding de tusschenliggende nuancen, b.v. rood en oranje vormen alle schakeeringen van rood-oranje en oranje-rood; blauw en groen alle nuancen van groen-blauw en blauw-groen.

2e. De vermenging van gelijke hoeveelheden van twee oneven kleuren, gescheiden door één even kleur, veroorzaakt de kleur, die ze scheidt, doch niet zoo schitterend; b. v. rood en geel geven een oranje, grijzer dan echt oranje; geel en blauw een doffer groen dan het echte.

3e. Het mengsel van evengroote hoeveelheden even kleuren, gescheiden door één andere, wordt een grijs, dat gelijkt op de kleur, die ze scheidt, b.v. oranje en groen vormen een geelachtig grijs; groen en ultramarijn een grijzig blauw, enz.

4". Het mengsel van evengroote hoeveelheden van twee kleuren, gescheiden door twee andere, hetgeen noodzakelijkerwijze steeds het mengsel is van een oneven en eene even kleur, vormt een grijs, dat nadert aan de oneven kleur; b.v. rood en groen vormen roodachtig grijs; oranje en blauw een blauwachtig grijs; geel en ultramarijn een gelig grijs enz.

Maar als men de hoeveelheid der even kleur verdubbelt, dus de verhouding maakt Vs oneven en 2/s even, verkrijgt men een zuiver grijs, dat gelijkt op een mengsel van wit en zwart.

In deze proportie zijn de even en oneven kleuren wat men noemt complémentaire of aanvullende. Een oneven kleur heeft dus altijd voor aanvullende een even kleur, en omgekeerd. Het eenvoudigste middel om dadelijk de aanvullende eener kleur te vinden is het getal drie toe te voegen aan het nummer, dat zij in het spectrum heeft tot aan groen en van af groen er drie af te trekken, b.v.;

De aanvullende kleur van:

1 rood =1 + 3 = 4 groen.

2 oranje =2 + 3 = 5 blauw.

3 geel =3 + 3 = 6 ultramarijn.

4 groen =4 — 3=1 rood.

5 blauw =5 — 3 = 2 oranje.

6 ultramarijn =6 — 3 = 3 geel.

Sluiten