Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijken schreeuw. Zij werd er zelve wakker van, en haar geschreeuw deed haar moeder opschrikken, die met een angstig gelaat de kamer binnen stormde. Die vond haar dochtertje bleek en bevend in haar stoel zitten, met een half angstig, half blij gezicht. »0", riep zij, »o, Maatje, wat ben ik blij dat ik geen schaap ben!" »YVat vertel je me nu?" lachte de moeder, die er niets van begreep; »nu, ik ben ook blij dat je geen schaap bent, al ben je ook maar een kleine domme gans." »o Moesje", zei het meisje, »als jij beleefd had wat ik gedroomd heb, dan zou je zóó niet spreken!"

Jan. — Nu, Nelleke, wat zeg je er van?

Nelly. — Wel, ik denk dat het toch heel pleizierig moet zijn 0111 in de klaver te rollebollen. Ik wou dat ik soms een lammetje was en soms een klein meisje. Mama noemt wij wel eens haar lammetje.

Lucie. — Wel, Nelly, dat denkbeeld van jou is nog zoo kwaad niet. — Maar zeg eens, Fanny, het wordt onze tijd voor de school. — Nelleke,

dag snoes! I Ioor eens, ik weet een goeden raad: Loop naar moeder en vertel haar de heele geschiedenis, en vraag of ze met je gaat wandelen, buiten de stad, en je in 't veld wil laten ravotten als een lammetje. Maar ze moet goed op je passen, hoor snoes! en zorgen dat we je goed en

Sluiten