Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ v.

Bezwaren tegen de Medische zending.

Wanneer wij van de bezwaren, die er tegen de M. Z. rijzen, gewagen, denken wij zeker het minst aan hen, die het eene Godvergeten onderneming achten, met ricinus-olie en Ypecocuanha (de M. Z.) den duivel tegemoet te gaan en door het achterdeurtje van lichamelijke heeling, der heidenen zielen Christus' kerk binnen te sleepen. Het getal van hen, die zoo spreken, wordt hoe langer hoe kleiner, omdat men de M. Z. in haar doel en streven, in haren dienst leert verstaan.

Van grooter gewicht is de bedenking, dat de M. Z. in onze dagen eenzijdig verheven wordt, alsof zij alleen zending is. De beteekenis der school, die naast haar staat, wordt hierdoor miskend. Bovenal wordt tengevolge daarvan vergeten, dat alleen de prediking des Woords zending is, waaraan zij met de school enz. pionier- en hulpdiensten bewijst.

Niet minder belangrijk is het bezwaar, dat de M. Z. veel gelijkenis heeft met eene aalmoes, waardoor de beweldadigden haast verplicht worden, uit dankbaarheid Christen te worden. Vele missies trachten dit bezwaar te ondervangen door een gift te vragen van hen, die haar kunnen betalen, de onbemiddelden eenige centen, de rijkeren meer, terwijl alleen de armen gratis geholpen worden. Hierdoor ontstaat een ander gevaar, dat alleen de armsten zich dankbaar betoonen, terwijl de rijken dat minder noodig achten. Wat toch niet de bedoeling is. Om de armen en om de hooge standen is het te doen. Alleen wanneer de liefde van Christus, die niet betaald kan worden, zich aan den kranke opdringt door de M. Z., kan geen sprake meer zijn van eene aalmoes, maar van eene goddelijke gunst, die menschen van allen rang en stand gewordt, onder welke niemand iets tot vergelding kan geven. Ook hier moet het zijn voor den missionairen arts: „Gij hebt het om niet ontvangen, geef het

Sluiten