Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hem daartoe op; doch toen hij bijna den eindpaal bereikt had, brak de kerkelijke strijd uit (1886), waarvan het einde was, dat een deel der Gereformeerden buiten de Nederl. Herv. kerk raakte en als Geref. kerk een zelfstandig kerkelijk leven ging leiden. Br. Scheurer voegde zich bij dezen, werd losgemaakt van de Utrechtsche zendingvereeniging en bood zich aan de Geref. kerk van Utrecht aan, met verzoek als haar missionair te worden uitgezonden. Deze kerk knoopte onderhandelingen aan met de Nederl. Geref. zendingvereeniging, die hem aannam en met zijne goedkeuring bestemde tot miss. arts. Zijne opleiding hiertoe heeft deze broeder gedurende 41/, jaar (van 4 Jan. 1888—den zomer van 1892) ontvangen aan het groote Londensche hospitaal, terwijl hij tehuis was bij Dr. Maxwell, toen general secretary en superintendent van de Students' training Home der Medical Missionary Association. In 1893 werd hij uitgezonden door de Geref. kerken, vertegenwoordigd door hare Zendingscommissie, en de Nederl. Geref. Zendingvereeniging, met bestemming voor Solo en het vorstendom Soerakarta.

Met zijne gade, mej. G. van Riet, die eenige opleiding als verpleegster genoten had in het Diakonessen-Anstalt te Kaiserswerth, begaf br. Scheurer zich op reis, kwam te Poerworedjo en daarna te Solo aan. Hier kon hij echter niet blijven, daar de regeering geen toestemming aan de missie wilde geven, Soerakarta binnen te gaan. Hij trok zich dus terug naar Poerworedjo. Daar was hij, toen de Synode van de Gereformeerde kerken van Nederland te Middelburg samenkwam (1896) en besloot, dat hare zending kerkelijk zou wezen en uitgaan van een of andere plaatselijke kerk. De M. Z. werd terzelfder tijd aanvaard als hulpdienst in de zending en, zoo noodig, haar wegbereider. Eindelijk werd bepaald, dat de missionaire arts — zoo zou in het vervolg de arts der missie heeten — niet tegelijk zou zijn dienaar des Woords. ') Drie Deputaten kregen van de Synode

') Dit zag op het feit, dat br. Scheurer véór zijn vertrek naar Indiê door de Classis Rotterdam der Geref. kerk toegelaten was tot de bediening van het Woord en de Sacramenten, van welk recht hij op aanschrijven van bovengen. Svnode eewillie afstand deed.

Sluiten