Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle cultuurstaten dezelfde botsingen aan den dag kwamen, wijl juist hier alle omstandigheden samenwerkten, uit welker totaal slechts zij in al haar wereldschokkende kracht ontstaan kon : de door een eeuwenlang lichtzinnig, losbandig leven gekweekte ontaarding der heerschende klassen, de daarmee in den nauwsten samenhang staande verarming • van het arbeidende volk en — niet in de laatste plaats — de geestelijke ommekeer bij de bourgeoisie teweeggebracht door Voltaire, Rousseau en de Encyclopedisten. In de fransche wijsbegeerte van de 18de eeuw vindt men al de denkbeelden, die in de stormen der omwenteling naar

verwezenlijking streefden. ')

Hoe deze denkbeelden juist de vrouwen gewonnen hadden, bewijzen de mémoires en briefwisselingen van dien tijd. Op haar negende jaar las Manon Philipon Plutarchus en was zij in verrukking door de figuren der antieke helden; op haar veertiende jaar verloor zij, een kloosterleerlinge, door de geschriften van Diderot en d Alembert haar geloof en werd een vurig leerlinge van Rousseau 2); op dergelijke wijze ontwikkelde zich haar bekoorlijke mededingster in de heerschappij over de helden van den aanvangstijd der Omwenteling, SophiedeGrouchy, markiezin van Condorcet, wier eerste brevier de Meditaties van Marcus Aurelius waren en die op nauwelijks twintigjarigen leeftijd den geest van Voltaire en Rousseau in zich opnam, om hem tot het einde trouw te blijven. 3) Maar ook andere vrouwen, die niet bestemd waren om een rol te spelen in de geschiedenis der Omwenteling, laafden haar geest aan dezelfde bronnen en gaven haar kinderen, waaraan zij zich door den invloed van Rousseau weer leerden wijden, het beste wat zij zeiven bezaten. Het is geen toeval dat de tijd van de eerste geestdrift voor „Emile", met geboorte-tijd en kindsheid der helden van de Omwenteling, Robespierre, Danton, Desmoulins en vele anderen samenvalt, want in de handen hunner moeders lag het Contrat social, met ^ de moedermelk zogen zij de idealen van vrijheid en gelijkheid in. 4) De theorieën der denkers, de droomen der wijsgeeren beantwoordden als nimmer te voren aan het gevoel en maakten daardoor de vrouwen tot hun vurigste belijdsters. In haar salons verzamelden zich de leidende geesten en hechtten aan haar oordeel evenveel waarde als aan dat der mannen, het gansche gezelschapsleven was vervuld met dat electrisch fluïde waaraan niemand zich onttrekken kan die in zijn

1) Zie Tocqueville, L'ancien régime et la révolution. Paris 185b, blz. 9 en vlgg.

2) Zie Mémoires de Madame Roland, publiés par C. A. Dauban. Paris 1864, blz. 16 en 66.

3) Zie A. Guillois, La marquise de Condorcet. Paris 1897.

4) Zie Michelet, Les femmes de la révolution. Paris 1898, blz. 5 en vlgg.

Sluiten