Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegenover haar en hare eischen haast allen van stonde aan een vijandig standpunt innamen. Zelfs de meest radikale politici hadden, op weinige uitzonderingen na, niet het minste begrip ervan. De vrouwen stonden haast volkomen alleen; daarbij kwam dat zij, getrouw aan haar natuur, die naar den kant van het gevoel het sterkst ontwikkeld is, onverbiddelijk tegen ieder lostrokken die zich aan een laagheid of een ongerechtigheid schuldig maakte. Een groot aantal der aanklachten ■, tegen vrouwen grondde zich hierop dat zij zich medelijdend jegens een gevangene betoond of voor een volgens haar meening onschuldig veroordeelde levendig partij getrokken hadden. Dat was den mannen, in deze periode van toenemende koelheid tegenover het lijden van den tegenstander, zoo onbegrijpelijk, dat zij het zich alleen door het bestaan van een liefdesverhouding tusschen de betrokken vrouw en den veroordeelde konden verklaren. Ook een der meest begaafde leidsters der vrouwenvereenigingen, Rose Lacombe, die den tocht der vrouwen naar Versailles aangevoerd had, geraakte onder deze verdenking, hoewel er juist bij haar, de opofferende voorvechtster der Omwenteling, niet den minsten grond voor schijnt te zijn. Ten gevolge van de verbittering tegen de openbaar optredende vrouwen, die in 1793, het sterfjaar van Olympe de Gouges, haar hoogtepunt bereikt had, ontwikkelden de aanvallen tegen Rose Lacombe zich ten slotte tot den strijd tegen de

vrouwenbeweging zelve.

Zij had zich tegenover den Jacobijn Bazire beklaagd, dat gevangenen dagen lang in de gevangenis zuchtten, zonder zelfs verhoord te worden, zooals het bij den maire van Toulouse, in wiens zoon men haar minnaar vermoedde, gebeurd was, en zij eischte dat men zou besluiten, ieder gevangene binnen 24 uur te verhooren, hem de vrijheid te schenken wanneer zijn onschuld bleek, hem te dooden wanneer hij schuldig was. Een behandeling als de huidige druischte in tegen de wetten der menschelijkheid, die de wetten der Republiek moesten zijn. Op de vraag waarom juist de maire van Toulouse, een aristocraat, haar, de vervolgster der aristocraten, tot verdedigster erlangen kon, antwoordde zij kalm : „Hij deelt brood uit onder de armen!" Deze verklaring scheen Bazire niet voldoende. Hij gaf haar aan bij de Jacobijnenclub en stiet zooveel te minder op tegenstand, daar de revolutionnaire republikeinsche vrouwenvereeniging, aan wier hoofd Rose Lacombe stond, om den moed waarmee zij tegenover de eigengerechtigheid van Robespierre de rechten van het volk verdedigde en een sociale omwenteling den weg j trachtte te banen, reeds lang verdacht was. ') Rose Lacombe trachtte

1) Zie Léopold Lacour, t. a. p., blz. 337 cn vlgg.

Sluiten