Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r

de alleen juiste verhouding in het onderhoud der vrouw door den man gezien hadden, niet alleen zwaar viel, maar haar ook een zooveel mogelijk te verbergen schande toescheen. Talrijk waren reeds in het midden van de achttiende eeuw de arme adellijke jonkvrouwen, die in betrekkingen als opvoedsters van vorstelijke kinderen, als kamervrouwen bij prinsessen, ja zelfs als hofdames aan de vele kleine hoven niets anders zochten dan een broodwinning en zich vaak onder angstvallig ophouden van uiterlijken glans kommervol genoeg er doorheen sloegen. En niet alleen sentimenteele romans, ook vele der tot de Nationale Vergadering gerichte verzoekschriften leveren het bewijs dat vele burgerdochters zich gedwongen zagen door borduurwerk en weven haar brood te verdienen. Met de vrouwen der handarbeiders deelden zij hetzelfde lot: de nood dreef haar tot arbeid; en zij hadden ook nog iets anders met elkaar gemeen: het ontbreken van elke vorming tot beroep. Maar terwijl voor de eersten, dank zij de ontwikkeling der techniek en het machinewezen, in het leger der industriearbeiders plaats genoeg was, en haar, zij het ook ongeschoolde arbeidskracht zeer begeerd werd, stonden de laatsten voor gesloten deuren waarbij onrecht en vooroordeel de wacht hielden. De arbeidster streed reeds in de gelederen met den man den harden strijd om het bestaan, toen de vrouw der bourgeoisie zich nog haar plaats naast den man moest veroveren. Uit deze omstandigheid valt het vaak tot tegenstrijdigheid zich toespitsend verschil tusschen de burgerlijke en de proletarische vrouwenbeweging te verklaren en ook de noodzakelijkheid om deze beide van elkaar gescheiden te behandelen.

De vrouw der bourgeoisie werd voor het huis en voor de gezelligheid opgevoed. Ook de meer uitgebreide opvoeding die de nieuwe tijd voor haar vorderde en die meer omvatte dan het godsdienst- en huishoudonderricht der middeneeuwen, had slechts ten doel de gezelschapsI talenten te steunen en van haar een meer begrijpende levensgezellin voor den man te maken.

De eerste plaats onder de voorvechters der hervorming van de meisjesopvoeding nam Fénélon in. ') Zijn pedagogische beginselen waren aanleiding dat Mevrouw de Maintenon te St. Cyr de eerste middelbare school voor meisjes vestigde, die in zooverre nog aanspraak maakt op bizondere belangstelling, dat zij eveneens de eerste inrichting was die door vorming van opvoedsters den weg baande voor de beroepsbezigheid der vrouw. 2) Maar zij was slechts een oase in de woestijn en beantwoordde zoo weinig aan de strooming des tijds dat zij spoedig zonk op

1) Zie Fénélon, Education des filles. Nouvelle édition, Paris 1884.

2) Zie E. von Sallwürck, Fénélon und die Litteratur der weiblichen Bildung in Frankreich. Langensalza 1886.

Sluiten