Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

diensten, die verricht moeten worden in het algemeen belang, doch waarvoor tegen redelijke betaling niet of niet genoegzaam vrijwilligers kunnen aangenomen worden. Een tot deze diensten verwant zijnde verplichting, die op de mannelijke inwoners van de meest moderne staten nog- rust, wordt door de eischen der verdediging van het grondgebied opgelegd.

Ook de Ned. Indische Staatsregeling kende deze diensten.

Het Bijblad N°. 875, behelzende eene verklaring betreffende het op den 17den Augustus 1859 uitgevaardigd Besluit van den Gouverneur-Generaal wijdt daaraan de volgende beschouwingen.

„Gedwongen arbeid is tweeledig:

„i°. Arbeid in heerendienst, in de gevallen bij de „adat en de daarop gegronde bepalingen en voorschriften „aangewezen, bijv. het onderhoud van bruggen en wegen, „welke arbeid eene op de bevolking rustende belasting is; en

„2°. Arbeid aan werken, welke niet vallen in de „termen om in heerendienst te worden uitgevoerd, doch „waarbij men zich genoopt ziet om, bij ontstentenis , van vrijwillige arbeiders, daartoe ged wongenen „te werk te stellen.

„De sub i°. genoemde arbeid is uit zijnen aard onbe„loond; maar in vele gevallen pleegt de staat de arbeiders „eenigszins tegemoet te komen door het toekennen van „een dagloon, voldoende tot levensonderhoud, welk dagJoon is bepaald op 12V2 cent.

„De onder 20. bedoelde werken moeten geheel ko..men ten laste van den staat; deze moet de volle ..waarde van het werk betalen, onverschillig of het door „vrijwillige dan wel door gedwongen arbeiders verricht „wordt.

„Het dwingen tot zoodanigen arbeid is reeds iets oure,,gelmatigs, hetwelk alleen in gevallen van noodzakelijkheid „plaats heeft; maar daarenboven hem aan wien de dwang „wordt opgelegd nog een deel te onthouden van hetwelk

Sluiten