Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gemaakt, en bij ons de gedachte opgewekt, dat het uitblijven der oppositie tegen den bedoelden maatregel, waartegen o. i. toch veel te zeggen was, min of meer de verwondering van de Regeering getrokken heeft.

De lijnen Batavia—Bandjong, Batavia—Tandjong Priok, Bandong—Tjilatjap en Soerabaja—Soerakarta, waren in het verslagjaar nog slechts in opname, zoodat ten aanzien van opkomst van werkvolk niet gerapporteerd is.

Onder het hoofd „werkvolk" lezen we in het Koloniaal Verslag van 1877 (Bijlage BB),

„dat in de Residentie Pasoeroean niet altijd over „voldoende werkkrachten kon worden beschikt. De „minder bevredigende opkomst wordt o. a. toegeschreven „aan eene in de afdeelingen Bangil, Pasoeroean en „Malang geheerscht hebbende koortsepidemie. De in„tusschen voortgezette pogingen om door werving in „naburige en zelfs meer afgelegen gewesten meer werkkrachten te verkrijgen, hebben tot dusver weinig resultaat gegeven.

„In het verslag over 1878 kon de opkomst van werk„volk, voor zoover het nog in massa en op verschillende „punten tegelijk noodig was, (wat voornamelijk op de „ 3de sectie — zijtak naar Malang — voor de aardewerken „het geval was) bevredigend worden genoemd, behalve „in de maanden, waarin de padi-aanplant, de padi-oogst „en de koffiepluk moesten plaats vinden.

Men heeft hierbij wel in het oog te houden, dat bovenbedoelde uitvoering plaats had in een gedeelte van Java, dat in de eerste plaats dichtbevolkt is en waar in de tweede plaats de inlander, door herhaalde aanraking met de aldaar goed vertegenwoordigde Europeesche nijverheid, meer geschiktheid voor vrij-arbeider gekregen heeft dan wellicht in eenig ander deel van het eiland.

Sluiten