Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De brief heeft in zijn geheel eenen gunstigen indruk gemaakt op den Hoogleeraar. De schrijver is blijkbaar een man van streng zedelijke beginselen en toch vol medelijden, waar hij spreekt van het lijden zijner broeders. Hij is een menschenkenner en een fijn psycholoog. Hij is een man, wiens innerst wezen doordrongen is van den geest van het practische Christendom. Hij herinnert ons dikwijls aan de O. T.ische profeten, soms aan een dichter.

Volgens Baur was de strekking van den brief zeer beslist antipaulinisch: »In dem Brief Jacobi — begegnet uns — eine auf den Mittelpunkt der paulinischen Lehre losgehende Opposition« (Neutest. Theol. 1864, S. 277). De beide leerbegrippen — van Paulus en van Jacobus — zijn niet met elkander in overeenstemming te brengen. Of men moest kunnen aantoonen, ^dass beide einander gar nicht berühren, dass beide, Paulus und der Ver fasser des Jacobusbriefs, mit den drei Hauptbegriffen, um welche es sich hier handelt, dem ihxaiovofrat, den igyu vofiov, und der TtioTig, einen ganz andern Sinn verbinden* (t. a. p. S. 277 u. 278). Maar juist dit is niet mogelijk. Toch is het waar, dat beiden met de mm tg een geheel verschillende gedachte combineeren. »Der Glaube ist dem Jacobus immer nur der Glaube, von welchem Paulus 1 Cor. 13, 1 f. sagt, dass der Mensch mit ihm fiir sich allein ein tönendes Erz. und eine kliegende Schelle bleibe« (S. 279). Aan zulk een geloof hechtte Paulus natuurlijk ook weinig; hij zou daaraan zeker geene rechtvaardigende kracht toeschrijven. »Aber der Unterschied ist, dass Paulus diesem leeren nichtigen

Sluiten