Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zou volgens hem den logischen samenhang van den brief beheerschen. ') Verder schreef in 1874 Gans »iiber Gedankengang, Gedankenentvvickelung und Gedankenverbindung im Briefe des Jakobus», die de volgende indeeling maakte 1:1, 2—18, 19—2 : 26, 3 : 1—4, 12, *3—5 : 6, 7—18, 19 en 20. Lange's Bibelwerk gaf als thema van den brief op de zaligspreking van 1:12 en vond de uitwerking van dit thema in 1 : 13—5:6. En terwijl Weiss drie hoofddeelen onderschreidde (1:19 —2 : 26, 3 : 1—4 : 12, 13—5 : 11), vond Holtzmann de aanduiding eener bepaalde dispositie in den aanhef van den brief, 1 : 1—11. 2)

Met Erdmann 3) meenen wij echter, dat eene bepaalde dispositie in den brief niet met zekerheid is aan te wijzen, en wij kunnen het ons voorstellen, dat Gass l) er toe gekomen is om te zeggen, dat elke andere N. T.ische brief, wat inhoud en samenhang betreft, gemakkelijker is weer te geven dan deze. Dat dit het recht verstand van den brief niet gemakkelijk maakt, behoeft geen betoog. Toch baart de aforistische schrijfwijze van den auteur nog de meeste moeilijkheden bij de verklaring. Zijn stijl is abrupt, maar tegelijk ook zeer levendig. Eene eigenaardigheid van onzen auteur

J) Pfeiffer schreef dan ojk: „So findet sich von 1, 19 an bis 4, 13 ein statiger Zusammenhang, eine bestimmte, beabsichtigte ürdnung, die nur selten und in genauer Beziehung auf die behandelten Gegenstande unterbrochen wird" (Theol. Stud. u. Kr. 1850, S. 177).

Vgl. Z. f. w. Th. 1893, S. 58 f.

',) „Der Brief des Jakobus, S. 66 f.

4) Protest. Kirchenz. 1873. Vgl. het oordeel van Holtzmann in Z. f. w. Th. 1893, S. 57.

Sluiten