Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rechtvaardigingsleer van Clemens dichter staat bij die van Paulus dan de opvatting dienaangaande van Jacobus, het niet onmogelijk is, «class gerade jener Satz in i Clem. 30 : 3, der sich noch nicht auf die eigentliche Rechtfertigungslehre bezieht, den Verfasser des Jacobusbriefs veranlasst hat, seinen Gegensatz zur paulinischen Rechtfertigungslehre so zuzuspitzen, wie er thutc (S. 159). ')

In 't algemeen vertoont de pericope 2: 14—26 vele punten van overeenkomst met 1 Clemens. Met hetgeen wij lezen omtrent Abraham in 2 : 21—23 kunnen wij vergelijken wat Clemens zegt in C. 10. Wij lezen daar reeds dadelijk in den aanvang: «Abraham, die de vriend wordt bijgenaamd, is getrouw bevonden, daar hij aan de bevelen Gods gehoorzaamde.* Enkeleregels verder: »Abraham geloofde God en het werd hem tot gerechtigheid gerekend.» Daarop volgt dan: »Ter wille van zijn geloof en van zijn gastvrijheid werd hem in zijnen ouderdom een zoon geschonken, en uit gehoorzaamheid heeft hij hem Gode ten offer gebracht op een der bergen, dien Hij hem gewezen had.»

Nog meer overeenkomst is er, want 1 Clem 31:2 lezen wij : iivog /uiiiv rvkoyr !hj ó ttcu/o rjiutv 'sl.tauuit; enz. Ja zelfs het voorbeeld van Rachab ontbreekt bij Clemens

Bedoeld wordt 2 : 24.

Volgens Duker en Van Manen houdt Clemens het midden tusschen Paulus en Jacobus, wat betreft de leer der rechtvaardiging uit het geloof of uit de werken. Paulus plaatste het geloof op den voorgrond, Jacobus de werken, Clemens zocht beide voorstellingen te verbinden, door noch met Paulus het geloof alleen, noch niet Jacobus de werken alleen, maar het geloof en de werken samen den grond, de bron van 's menschen rechtvaardiging te noemen.

Sluiten