Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

artikel zou dus naar de meening van den Minister, in de rechtspositie van particuliere eigenaren, gelijk die in het bedoelde arrest van den Hoogen Raad was omschreven, geen wijziging brengen; alleen het bebouwen is verboden, niet het plaatsen van hekken.

§ 7. In de zevende paragraaf worden de gemeentebesturen gemachtigd tot handelingen, die wel is waar tot dusverre niet door uitdrukkelijke bepalingen van hunne bevoegdheid waren uitgesloten, maar waartoe zij toch hoogst zelden overgingen, omdat dikwijls de meening was verkondigd, dat voorschotten en bijdragen ten behoeve van woningbouw en andere dergelijke uitgaven niet lagen op den weg van gemeentebesturen. Gedeputeerde Staten waren over het algemeen weinig geneigd aan zulke uitgaven, die niet uitdrukkelijk onder de gemeentezorg gebracht waren, hunne goedkeuring te verleenen. Ten einde voor het vervolg twijfel op dit punt op te heffen, worden in deze paragraaf eenige gévallen genoemd, in welke door gemeentebesturen financieele steun ter bevordering der volkshuisvesting kan worden verstrekt, onder de noodige waarborgen voor richtig gebruik. De voorschriften van S 7 zijn echter niet limitatief; ook voor doeleinden en in vormen, niet uitdrukkelijk in een der artikelen genoemd, zal eene gemeente uitgaven mogen doen. In hoeverre daartoe termen kunnen zijn, moet in ieder speciaal geval in eerste instantie door den raad en verder volgens het gewone recht dooide hoogere besturen worden beoordeeld.

§ 8. In de achtste paragraaf wordt het verleenen van flnanciëelen steun door het Rijk ten behoeve der volkshuisvesting geregeld.

In de wet worden slechts enkele hoofdlijnen der ontworpen regeling aangegeven; het overige zal worden vastgesteld in een algemeenen maatregel van bestuur (artikel 34 le lid). In de Memorie van Toelichting op deze paragraaf en in het Verslag (M. blz. 42 43) wordt eene uiteenzetting gegeven van de wijze, waarop de Regeering zich de werking der bepalingen denkt.

De voorschotteh zullen uitsluitend aan de burgerlijke gemeenten worden verstrekt. Niettemin is het de bedoeling, dat de woningbouw, waarvoor de voorschotten zullen worden verleend, voor een groot deel geschieden zal door particuliere vereenigingen en vennootschappen. Hiermede staat in verband de bepaling van artikel 30, dat bij besluit van den Gemeenteraad aan vereenigingen» vennootschappen en stichtingen, uitsluitend in het belang van verbetering der volkshuisvesting werk-

Sluiten