Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De feitelijke ontruiming kan geschieden door de politie. De kosten van de ontruiming en van de sluiting komen ten laste der gemeente.

Artikel 22.

Indien eene onbewoonbaar verklaarde woning na verloop van den voor ontruiming gestelden termijn blijkt gevaar of overwegenden hinder te veroorzaken voor de bewoning van andere woningen, besluiten Burgemeester en Wethouders, de gezondheidscommissie gehoord, tot afbraak van het gebouw, of van het gedeelte van het gebouw, waarin zich die woning bevindt, of wel tot andere maatregelen, waardoor het gevaar of de hinder worden weggenomen.

Aan de bevoegdheid van den Gemeenteraad, om te allen tijde, en dus ook vóór afloop van den voor ontruiming gestelden termijn, met inachtneming der wettelijke bepalingen, maatregelen tegen gevaar of hinder vast te stellen, wordt niet te kort gedaan. Het artikel geeft slechts aan, welke verplichting op B. en W. rust, ingeval een onbewoonbaar verklaarde en ontruimde woning gevaar ot hinder voor hare omgeving blijkt te veroorzaken. (Verslag M. blz. 27).

Het geval, in dit artikel vermeld, zal zich o. a. kunnen voordoen bij onbewoonbaar verklaarde kelderwoningen, die vol water loopen en daardoor vocht veroorzaken in de belendende perceelen.

Artikel 23.

Van het bevel tot sluiting alsmede van elk besluit, bedoeld in het voorgaande artikel, wordt onverwijld kennis gegeven aan den eigenaar der woning of aan dengene, die bevoegd is de woning alsnog in bewoonbaren staat te brengen.

Artikel 24.

In geval van afbraak worden de bouwmaterialen in het openbaar verkocht en wordt de opbrengst na aftrek der kosten van afbraak en verkoop den rechthebbende ter hand gesteld.

Artikel 25.

1. Opheffing der onbewoonbaarverklaring kan, mits voldoende blijkt dat de woning alsnog in bewoonbaren staat is gebracht, geschieden bij besluit van den gemeenteraad, de gezondheidscommissie gehoord; in geval de onbewoonbaarverklaring niet is

Sluiten