Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

120. Afwijking van testamentsbepaling. — Ex pavte Denyssen en Groenberger. O. R. 1894. III. 54.

Verlof geweigerd tot verkoop van goederen door voogden, waarvan bewaring in natura tot meerderjarighei der erfgenamen in het testament was voorgeschieven.

121. Wederkeerig testament. — Skead vs. lourie. O. R. 1896. 258.

Uitvoering van bepalingen van een gezamenlijk testament na dood van een der beide makers; wanneer kan langstlevende zijn beschikkingen niet meer herroepen.

Aanteekeningen.

Aantal getuigen bij testament. — Volksraadsbesluit van 8 Augustus 1890. Locale Wetten 1890/93, bl. 78. Twee getuigen zijn voldoende bij een onderhandsch testament.

c. Materieel erfrecht.

122. Aanvaarding. — Cooper vs. Jocks. I. K. 201. 1880.

Erfgenaam aansprakelijk gesteld voor proceskosten

door boedel te betalen.

123. Lex liac edictali. — Jacobs vs. Prinsloo. II. K. 67.

1883. (Holl. uitg. 77).

Toepassing der lex hac edictali op aan tweede echt-

«ïenoote vermaakt onroerend goed.

124. Voorrecht van boedelbeschrijving. — Ex parte Lesar.

III. K. 20. 1885.

Voorrecht van boedelbeschrijving verleend door het Hof op verzoek van erfgenamen bij testament ingesteld.

125. Lex hac edictali. — Bezuidenhout vs. Bezuidenhout. O. R. 1894. II. 39.

De executeur datief mag zich niet op de lex hac

edictali beroepen.

126. Nalatenschap van buitenlander. — S. David en J.

Sluiten