Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waar eischer dagvaardt als hoofd eener huwelijksgemeenschap, behoeft hij niet te stellen, dat het huwelijk nog bestaat of dat en hoe het ontbonden is.

478. Gebrekkige dagvaarding. — J. Sacke vs. N. Mitchell. O. R. 1895. 71.

Een gebrek in de dagvaardig is gedekt door verschijning van partij in eersten aanleg, zonder beroep op het gebrek.

479. Kosten. — J. P. Le Grange vs. G. C. de Beer. O. R. 1895. 184.

Aanbod van betaling na dagvaarding moet ook de kosten bevatten.

480. Buitenlandsche maatschappij. — Curator van Insolventen Boedel Hayden & Co. De Thistle Reef Goldmining Co. bpkt. O. R. 1895. 235.

Een buitenlandsche maatschappij, zonder gekozen woonplaats in Transvaal, moet met verlof bij edict gedagvaard worden.

481. Bank. — Haarhoff vs. Watson n. o. O. R. 1895. 244.

Niet de bestuurder eener Bank, maar de Bank zelf moet gedagvaard worden ter zake van handelingen door den bestuurder als zoodanig.

482. Bijlage. — Krogh vs. Gouws. O. R. 1895. 389.

Bij dagvaarding tot verhaal van proceskosten in een buitenlandsch vonnis toegewezen, moet de kostenrekening aan de dagvaarding gehecht worden.

483. Beteekening. — T. Baumann vs. P. C. Duvenage. O. R. 1896. 107.

Bij gebreke van behoorlijke beteekening is het niet voldoende, dat gedaagde kennis draagt van den inhoud eener dagvaarding.

484. Inhoud. — Gonin vs. Pieters. O. R. 1896. 121.

De feiten, waarop een eisch steunt, moeten in de dagvaarding vermeld worden.

O O

Sluiten