Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ÏV.

A. Spelling.

§ 1. De teksten die tot de Deense groep behoren, volgen alle dezelfde spelling, n.1. de Deense. De eerste regels der G. D. luiden: „Iedere letter wordt in 't Kreools met zijn volle klank uitgesproken, evenals in 't Deens; alleen wordt de v uitgesproken als f, omdat ze van Hollandse oorsprong is; in plaats van v wordt tv gebruikt, evenals in 't Hoogduits." In de praktijk komt dit systeem hierop neer, dat de afwijkingen der Deense teksten van de Hollandse spelwijze geen andere zijn dan de volgende: u staat voor oe (buk, bruder)-, y staat voor u (zo wel in rijsje, Holl. ruzie, absolyt, Holl. absoluut, als in pyt, Holl. put, en in kyssintje, Holl. kussentje; in 't laatste geval staat somtijds i, b. v. drippel voor Holl. druppel)-, de gerekte <i, u en y worden meestal weergegeven door toevoeging van e (waarbij evenwel groote inkonsekwentie in de toepassing valt op te merken): tael, ruep (roepen), hyelen (huilen, schreien). Deze toevoeging van e, hoewel vroeger ook in onze taal in zwang en nog tans in Vlaanderen zeer gebruikelik, is hier aan de Deense orthografie ontleend.

In eigennamen, dus in woorden die de Denen niet van hun bekeerlingen hoorden, is de u geschreven waar bij Hollandse uitspraak y verwacht zou worden, dus Jesus Christus, Juda, Jerusalem enz.

De v geeft, ondanks de bovenaangehaalde woorden van de G. D., niet altijd een f weer; in qvaet (kwaad), quest

Sluiten