Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

na stik, maer gooj lot vor die van wie die sal wees. Vergelijk verder: die stier em na si veld vor passop die verkens (N. T. D, Luc. 15, 15), soo dïkwils mi dink op na jender (N. T. H. Philipp. 1, 3).

§ 73. Periodes maken Kreoolssprekende mensen niet. De beschouwingen van de G. H., die tot allerlei biezonderheden afdalen, hebben alleen betrekking op de schrijftaal der bijbelvertaling; buiten de onverwrikbare regels die ik hierboven uit teksten heb opgemaakt, bestaat dezelfde vrijheid als in onze spreektaal.

Op een paar eigenaardigheden moet men nog letten. Geen onderscheid wordt gemaakt in de konstruktie van afhankelike zinnen en van hoofdzinnen en ook niet tussen onderschikkende en bijschikkende voegwoorden (omdat en want zijn beide fordiemaek); wanneer men dus zegt mi verkoop die kawaj gauw (ik verkoop het paard gauw) zal men ook, dezelfde gedachte voorwaardelik uitdrukkend, zeggen: as mi verkoop die kawaj gauw.

Gelijk alle volkstalen vertoont het Kreools een sterke voorkeur voor bijschikking door middel van een tweede hoofdzin boven onderschikking. Een goed voorbeeld geeft N. T. D. Math. 26, 15: wat jullie wil giev mie, en mie sal verraedt hem na jender?

Sluiten