Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgeven en wegens gebrek aan voldoende verweermiddelen het onderspit moet delven voor deze met het oog onzichtbare macht. Maar ook menig volwassene, die reeds den tuberkelbacil met zich droeg en zijn fluimen inslikte, heeft wellicht op deze wijs volgens veler opvattingen althans zich zelf vaak onherstelbaar kwaad berokkend door een niet bedoelde, maar toch bewerkte infectie zijner ingewanden, waaraan hij ten gronde ging.

Een derde weg vindt de tuberkelbacil nog open, daar waar hij vaak de meest ook voor den leek, direkt zichtbare sporen van zijn binnendringen achterlaat, nl. de huid. Iedereen kent die mogelijke gevolgen van een huidtuberculose, nl. de lupus, en weet welke stemmingen van medelijden zich van hem meester maakten bij het zien dezer ongelukkigen. Is de tuberkelbacil eenmaal in het lichaam, langs welken weg dan ook binnengedrongen, dan vangt zijn noodlottige arbeid aan; hij destrueert de weefsels ook der meest resistente organen en scheidt producten af, die een vergiftigende werking op de lichaamsdeelen uitoefenen; wel is er meestal een voorbeschiktheid van het een of ander orgaan, dat zetel gaat worden van het ziekte-proces der tuberculose. Deze vernielende werking wordt gelukkigerwijs door het lichaam tegengehouden en gelukkig vaak te niet gedaan. Dit hangt af van de levenskracht van den bacil en van de weerkracht van het menschelijk lichaam.

Hoe langer de bacil vertoeft in het lichaam, des te meer gelegenheid bestaat er om zijne vergiftige producten af te scheiden; doch gelukkigerwijs staat het lichaam weer klaar door stoffen te vormen om deze afscheidingsproducten onschadelijk te maken. Zoo is het een strijden en vechten over en weer, aan den eenen kant de kleine schijnbaar onbeduidende vijanden, onverbiddelijk en onvermoeid, daartegenover de mensch met zijn lichaam, dat zich moet voegen naar tijd en plaats, dat de vermoeienissen van den arbeid te dragen heeft, welke steeds grooter en grooter worden met den immer klimmenden strijd om het maatschappelijk bestaan. Geen wonder dat er zoovelen vallen in dien strijd, daar er te veel gevorderd wordt van het menschelijk lichaam, dat op vele plaatsen gelegenheid vindt om besmet te worden, indien geen behoorlijke voorzorgen worden in acht genomen.

Sluiten