Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liij de deur blijven zij staan, geen acht gevende op de naar hun toegestoken handen; het hoofd tier. hoog recht op de schouders; met vaste stem zegt de jonge man: „Mijnheer en Mevrouw van Eerenstein; voor mijn vertrek heb ik. volgens uw uitdrukkelijken wensch, beloofd, dat ik mijne moeder hier zou brengen, wie of wat ze ook mocht zijn; hier is ze. Nelke Poyck, de vrouw van den door u. voormalig drossaard van Heerlen. veroordeelden en ingevolge uw uitspraak ter dood gebrachten Bokkenrijder.

I)e heer van Eerenstein blijft staan, stil. onbewegelijk. de oogen star, strak voor zich uitturend, zonder doel; zijne echtgenoote is gevallen in een fauteuil, 't gezicht verbergend in haar handen.

„Moeten wij weggaan !" vraagt de zoon.

„Neen. blijf Theo, blijf." gilt de pleegmoeder, „'t, kan mij niet schelen wie hij is. wie je vader is geweest; ik heb jou lief en je moet blijven bij ons."

„Ik blijf niet zonder mijn moeder."

„Die moet ook blijven."

„Ja. jelui moet beiden hier blijven," bevestigt haaiman, „wij kunnen niet meer leven zonder jou, Theo; je moogt niet meer van ons weggaan; wij hebben je altijd als ons kind behandeld, liefgehad en dat zal je nu in werkelijkheid worden, want je moeder zal wel geen bezwaar hebben tegen de adoptie.'

„Moeder niet. maar ik heb er een bezwaar tegen."

„En welk dan?"

„Mijn vader is altijd een brave, eerlijke man geweest. die door het gebrek, door de ellende en armoede, die wij. zijn vrouw en zijn kind, leden, een misstap

Sluiten