Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hen konde rilling, die in hein ophuivert langs tien mg, een schok, die het lichaam doet trillen, die de knieën doet knikken.

In zijn hand, in stede van den zakdoek, het zwart fluweelen masker, dat zijn gelaat heeft bedekt op liet bal masqué. In zijn hand de dwaasheid, de lachende narheid, het symbool van opgewonden, vroolijk uitgelaten pret en zotternij en daar voor hem, de dood, het vaarwel uit dit leven, het voor eeuwig afscheid tusschen moeder en zoon, en in heete, met schier boven menschel ijke krachten onderdrukte drift, verfrommelt hij den fluweelen lap in de sidderende vuist.

hen der vrienden, die in gemoedelijke, hartelijke woorden in herinnering brengt haar leven, haar weldoen, de innige liefde, die zij koesterde voor haar kinderen.

Hij tracht te luisteren, hij dwingt zichzelven tot hooien, maar hij kan niet; het is hem onmogelijk; in zijn geest ziet hij slechts dat afschuwelijk ziele.tolterend visioen, dat zwarte mombakkes en daarnaast het eerbiedig lelieblank gelaat der doode.

Nog enkele andere sprekers en dan eindelijk met stotterende stem dreunt hij op de gewone phrasen, den dank voor de betoonde belangstelling.

Nog een verschrikkelijk moment, als een der bidders hem het blad vol bloemen toereikt.

Bloemen strooien in het graf zijner moeder en met dezelfde hand, waarin hij het masker verbergt .... in zijn ziel een opstand tegen «leze heiligst hennis, een walging tegen zichzelven en de arm,

Sluiten