Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die stelling heeft Th. niet wederlegd, niet omvergeworpen.

Langen tijd vóór de Afscheiding is reeds onder de regeering van Willem I Art. 291 C. P. aanleiding geweest tot geloofsï>crvolging, en wel in de Zuidelijke Nederlanden. In de Bosch Kemper's »Staatkundige Geschiedenis van Nederland tot 1830», Deel I, bladz. 564/5 wordt het volgende medegedeeld. «Enkele pastoors, die ongehoorzaam waren aan hunne geestelijke overheid, werden met behulp van de regering uit hunne pastoriën verwijderd. De naderhand zoo bekend geworden artikelen van den C. P. tegen vereenigingen van meer dan twintig personen werden het eerst toegepast op afgescheidenen van de Roomsch Katholieke Kerk, op de anticoncordatisten of Stevenisten. Deze aanhangers van den vroegeren vicaris-generaal Stevens hielden het concordaat met Napoleon» — gesloten in 1801 en in België van kracht sints 1802 — >voor onwettig en hadden het gezag der bisschoppen, volgens het concordaat in Frankrijk en België vastgesteld, niet willen erkennen, üp aandringen van de Roomsche geestelijkheid werden hunne bijeenkomsten verboden, en toen het verbod niet hielp, werden de leiders der onwettige bijeenkomsten vervolgd en gestraft. Zoo de regeering bij de Stevenisten het regt van kerkgenootschap niet wilde erkennen, zij deed dit wel bij de aanhangers der oudeklerezij, op grond dat deze reeds vóór de invoering van de grondwet een gevestigd bestaan had erlangd, en derhalve onder bestaande kerkgenootschappen moest worden gerangschikt. Deze erkenning vond slechts afkeuring bij de sterk clericale Roomsche rigting. In het algemeen scheen de reactionaire rigting, die onder de Roomsch-Katholieken zich overal in Europa openbaarde, hier te lande na den dood van den bisschop de Broglie, in 1821, zeer te verminderen.» In eene Aanteekening zegt de schrijver bij den naam anticoncordatisten: »of Fidtles de la petite hglise genoemd. Zij waren in Frankrijk vervolgd geworden als onwettige godsdienstige associatie te hebben opgerigt. De vicaris-generaal van het voormalige Bisdom van Namen, Stevens, had in België hunne gevoelens met vuur verdedigd; daardoor was eene afscheiding ontstaan, die bleef voortduren ook na 1815. In 1817 verzochten zij vergeefs bescherming en erkenning.

Sluiten