Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kundieen in los verband aan het werk kunnen worden gezet. Uit hun midden zullen dan wellicht later de vaste geneeskundige arbeidsambtenaren worden geworven.

Ziedaar een waarlijk verblijdende toezegging. Aloge haar vervulling net al te lang uitblijven! Het is inderdaad niet noodig - en zoo de «ecefaikte personen ontbreken, ook niet wenschelijk dat on'middel ijk in elk district een geneeskundig ambtenaar worde aangesteld. Met een paar, ja met een enkele, ware reeds heel wat gewonnen. Mits men dan niet weder — waarop blooker aandrong — hen met do regelmatige, geen bijzondere kennis vereischende keuringen ging • lasten! Enkele vaste geneeskundige beambten konden de studie der beroepsziekten met veel vrucht ter hand nemen. Op het groote nut van samenwerking bij zulke onderzoekingen heeft reeds voor tien jaar sommerfeld 1) opmerkzaam gemaakt. De eenling staat vrij wel machteloos tegenover zulk een reuzentaak.

Vraagt men in welke verhouding de geneeskundige ambtenaar behoort to staan tegenover het technisch arbeidstoezicht, dan meen ik, dat in het algemeen niet de arts zelf arbeidsinspecteur moet zijn al ben ik het met heyermans eens, dat de geneeskundige zich eerder in de technische hygiëne kan inwerken dan omgekeerd de technoloog in geneeskundige vraagstukken. Evenwel er is op goneeskundig gebied zóó veel te doen, dat bet waarlijk jammer zou zijn, wanneer de weinige geneeskundige ambtenaren, die ons de naaste toekomst voorspiegelt, zich niet tot hun eigen gebied bepaalden.

De arts zal moeten optreden naast en met den inspecteur, maar toch van deze volkomen onafhankelijk. Hem moet de bevoegdheid worden gegeven de werkplaatsen naar verkiezen te bezoeken,"opdat hij den arbeider in verband met den arbeid kunne gadeslaan. De regeling moet een zoodanige zijn, dat botsingen zoowel met het technisch toezicht als met de werkgevers worden vermeden. Zij kan zoo zijn, wanneer de geneeskundige dienst geheel onafhankelijk blijft van de arbeidsinspecteurs, wanneer aan do geneeskundige ambtenaren geen gebiedende bevoegdheid wordt opgedragen, maar hun voorstellen, in wel toegelichte verslagen belichaamd, bij het opperbestuur, den directeur-generaal, worden ingediend, die dan

1) lu. Som merkel d. Handb. d. Gewerbckrankh., 1899.

Sluiten