Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daarbij steeds uit van de veronderstelling, dat God alleen machtig is, evenals bij den gezondzinnige, alzoo ook bij den krankzinnige, door Zijn Woord en Geest de ziel in de rechte verhouding tot Hem te brengen, en dat een ziekelijke gemoedsstemming, gelijk die zich openbaart bij krankzinnigen, in veel gevallen is af te scheiden van hun werkelijk geestelijk leven, d. i. van de werkelijke verhouding, waarin hun ziel tot God staat. Herstelde krankzinnigen hebben menigmaal verzekerd, dat zij gedurende hun krankheid juist het tegendeel uitspraken van wat werkelijk in hun hart omging met betrekking tot de hoogere dingen, en dat zij onder de bearbeiding met het Woord de kracht der waarheid in hun hart mochten ervaren, terwijl hun mond weigerde dit uit te spreken, ja zelfs het tegendeel getuigde.

Als derde verschijnsel der krankzinnigheid noemen we de stoornis in het denken.

Die stoornis kan bestaan in de bovenmatige snelheid, waarmee bij den ziekelijk opgewekten lijder de eene voorstelling op de andere volgt, daarentegen bij den zwaarmoedigen lijder in de groote traagheid, waarmee zich de voorstellingen bij hem vormen, bij den zwakzinnigen lijder in de sterke vermindering van zijn denkkracht, gemeenlijk eindigende in versuftheid of volslagen stompzinnigheid, en voorts in de verwardheid, die bij tal van lijders en bij eiken vorm van krankzinnigheid wordt waargenomen.

In verband met deze stoornis in het denken staan ook de dwangvoorstellingen, dat zijn telkens bij den lijder opkomende gedachten, die hem beangstigen en kwellen en waaraan hij met den besten wil niet kan ontkomen ; verder ook de plaatsangst d. i. de vrees om een open ruimte over te steken, de angst voor reizen of ook voor gesloten deuren, die men vreest niet weer open te kunnen krijgen ; voorts de afwijkingen in het geheugen, zooals geheugenverzwakking, geheugenvervalsching en geheugenloosheid.

Bij dit verschijnsel der krankzinnigheid is, gelijk vanzelf spreekt, de bearbeiding met het Woord verre van gemakkelijk. Want al is het, dat het Woord Gods zich richt tot het hart, het kan toch het hart niet bereiken dan door middel van het denkvermogen.

Sluiten