Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

instrument in de hand der vrijzinnige-coalitie te maken tegen Kuyper. — Wel moge het U bekomen!

Ten overvloede laat ik hier volgen, wat de Nieuwe Ct. er van schreef:

„Als verkiezingsprogram beduidt het dat, indien de „christelijke" meerderheid in Juni verdwijnt, twee belangrijke „groepen van de linkerzijde bij de vorming van een linker„ministerie zullen trachten de in hun gemeenschappelijk pro„gram geformuleerde wenschen in het regeeringsprogram te „doen opnemen.

„Als regeeringsprogram beteekent het een ontwerp, op welks „grondslagen met andere tot de linkerzijde behoorende groepen, „d.w.z. hetzij de „oud-liberalen" tietzij de sociaal-democraten „zal worden onderhandeld om tot de vorming van een linker„ministerie te geraken. Onderhandelingen, waarbij die groep „tot wie de verbondenen zich wenden, natuurlijk in staat zou „zijn haar medewerking afhankelijk te maken van door haar „verlangde wijzigingen. Slechts dan zou het ontwerp van „Zaterdag j.1. dadelijk en onveranderd als regeeringsprogram „kunnen vastgesteld worden, indien de aanstaande verkiezingen „aan liberaal-unionisten en vrijzinnig-democraten gezamenlijk „meer dan vijftig zetels gaven. Thans tellen zij in Tweede „Kamei 16 -)- 9 = 25 man. Men berekene de kans...

„Een andere mogelijkheid zou nog zijn, dat èn „oud-liberalen" „èn sociaal-democraten Unie en Bond (al hadden deze niet de „meerderheid in de Kamer) rustig een ministerie lieten vor„men, zonder daarvoor eenige mede-verantwoordelijkheid te „aanvaarden. Dan zou zulk een ministerie beginnen te re„geeren zonder meerderheid en maar moeten afwachten, hoe„veel maatregelen van zijn program het er bij de Kamers door „zou vermogen te krijgen. Een ongewis bestaan."

Ik breng ten slotte de volgende opmerking ernstig onder de aandacht. Gesteld eens, dat men werkelijk een meerderheid vóór grondwetsherziening kon vinden in Tweede en Eerste Kamer. Wat dan? Wat er dan moest geschieden?

Dan moest volgens de grondwet, de Eerste en Tweede Kamer worden ontbonden, nieuwe verkiezingen in het teeken van grondwetsherziening werden uitgeschreven, en dan moest twee derde, zegge dus minstens 67 leden der Tweede Kamer, er vóór stemmen, wilde het nog geschieden. Alzoo eischt het de wet. —

Wie ter wereld, als hij bekend is met den tegenwoordigen stand der partijen, kan gelooven, dat dit in de eerste 20 jaar mogelijk is? Daartoe zijn de Christelijke partijen te goed verbonden. En mannen als prof. v. d. Vlugt (hij heeft het reeds

Sluiten