Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haren ouden op had." De kinderen moesten de geschiedenis naar hun eigen goeddunken verder uitwerken. De wijze, waarop zij dit deden, gaf een helderen blik op de egoïstische en altruïstische tendenzen der jeugdige schrijvers.

Ofschoon het altruïsme den zegepraal behaalde, ontsproten toch 46 °/0 der antwoorden uit meer of minder egoïstische opvattingen. 243 kinderen schilderen Hattie eenvoudig in een booze en wraakzuchtige bui. 67 laten haar met geweld het arme meisje den hoed afnemen en hier staan de jongens bovenaan; 81 lieten Hattie het arme meisje overhalen haar den hoed terug te geven; 68 verhalen, dat Hattie naar de kleedkamer ging en voor den ouden hoed den nieuwen in de plaats hing; 24 kinderen laten haar den ouden hoed wegnemen zonder een nieuwen daarvoor op te hangen en 48 stellen zich voor dat Hattie alleen stil en onvriendelijk tegenover het arme meisje was — ze wilde niets met haar te doen hebben.

De kinderen, welke Hattie in een minder zelfzuchtige stemming voorstellen — 24 °/0 der jongens en 30 °/0 der meisjes — zijn die naturen, waarbij de sympathische gevoelens meer of minder sterk in het licht treden. 252 kinderen stellen zich voor dat Hattie berouw heeft over haar egoïsme; 194 dat het haar genoegen doet het arme meisje met den hoed te zien en 164 dat zij nu niet alleen vriendelijk tegenover het arme meisje is maar doorloopend vriendelijk en deelnemend in het verdere verkeer met arme kinderen onder hare schoolmakkers.

Het egoïsme der 46 % der kinderen, die Hattie als ongrootmoedig en anti-sociaal schilderen, wordt klaarblijkelijk bepaald aoor hetgeen zij zich als recht ot onrecht voorstellen. De hoed behoorde aan Hattie; het was haar recht hem te behouden en dat men in hare afwezigheid

Sluiten