Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Zuid-Afrikaansche Republiek. — overtuigd dut de root-raid van Dr. Ja meson (die 30 December ]895 met 512 gewapenden, maxims en kanonnen, in vollen vrede, bij Pitsani de grenzen was overschreden en twee dagen later met zijn bende bij Doornkop werd gevangen genomen), gevolgd door herhaalde pogingen om zich te mengen in het binnenlandsch bestuur, in strijd met de Londensche conventie van 1884, en de aanspraken van Groot-Britannië op suzereiniteit, terwijl het weigerde de geschillen te onderwerpen aan arbitrage, duidelijk den toeleg verraadden zich op de een of andere wijze meester te maken van de Republiek en zijn goudmijnen; daarin versterkt door het uit Engeland aanhoudend aanvoeren van troepen en munitie-voorraden, tot nabij hare grenzen, — was in October 1899 genoodzaakt, niet aftewachten tot GrootBritannië met zijn krijgstoerustingen geheel gereed zou zijn om haar met overmacht te kunnen verpletteren en, na een laatst beroep op arbitrage, den strijd voor de onafhankelijkheid aantevangen.

Aan dien oorlog werd deelgenomen door den Oranje-Vrijstaat, krachtens een defensief verbond gesloten tusschen de beide Hollandsche Republieken en het vast bewustzijn dat GrootBritannië het ook op de onafhankelijkheid van dien Staat had gemunt.

Beide partijen beschouwen het recht harer zaak gewoonlijk van een verschillend standpunt; vandaar dat elke partij hare reden tot oorlog rechtmatig kan beschouwen.

Ook de beoordeeling van hetgeen eene al of niet gerechtvaardigde belemmering is, of welke ontwikkeling al dan niet noodzakelijk schijnt, kan verschillend wezen.

De manifesten en toespraken tot de volken en de diplomatieke nota's, die bij het uitbreken van den oorlog meesttijds door de in den strijd betrokken Regeeringen en Vorsten worden uitgevaardigd, bewijzen de noodzakelijkheid die gevoeld wordt, om de redenen tot oorlog, al zijn zij het niet in. werkelijkheid, wettig te doen schijnen.

Het doel van den oorlog wordt door de oorzaak tot den krijg slechts ten deele bepaald. Met de opofferingen, die de oorlog kost, en de gevaren, die er door zijn ontstaan, kunnen ook rechtens de vorderingen stijgen.

Het oorlogsrecht is even geldend bij onrechtmatige als bij rechtvaardige oorlogen.

Sluiten