Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De operatiën van het Duitsche leger, van Generaal von Werder, tegen het Fransche, onder Generaal Bourbaki, en tegen de vrijscharen van Garibaldi, alsmede het beleg van Belfort, waren van dezen wapenstilstand uitgesloten.

In het begin van Nov. 1870 werden voor Parijs, door Graaf von Bismarck met den heer Thiers, gedurende vijf dagen te vergeefs onderhandelingen gevoerd over het sluiten van een wapenstilstand, welke door de Duitschers uiterlijk voor den tijd van 28 dagen, op grondslag van den militairen statu quo was aangeboden, ten einde de verkiezingen voor eene nationale vergadering te doen plaats hebben, welke ook in de bezette gedeelten van Frankrijk zouden worden toegelaten.

Van Fransche zijde werd eene voor dat getal dagen evenredige proviandeering van Parijs gevorderd. Dit werd van Duitsche zijde onaannemelijk geacht. In zijne circulaire van 8 Nov. 1870 aan de Gezanten van Frankrijk, heeft Jules Favre dit als eene hatelijke en onrechtmatige daad voorgesteld, en trachten aan te toonen, dat de proviandeering een noodzakelijk gevolg van den wapenstilstand was, daar deze, zonder aanvoer van levensmiddelen, met eene capitulatie op een vooraf bepaald tijdstip gelijk zou staan. Ook G u i z o t schreef, 8 Nov. 1870, in de Times, dat de weigering der Duitschers, om Parijs voor den duur van den wapenstilstand van proviand te voorzien, met het volkenrecht in strijd was.

De waarheid is, m.i., dat de tijd tot het aangaan van dezen wapenstilstand nog niet gekomen was. Een wapenstilstand, voor zulk een geruimen tijd als 28 dagen, behoort niet anders gesloten te worden, dan wanneer er gegrond vooruitzicht op het sluiten van den vrede bestaat. Dat uitzicht bestond niet. De macht tot verzet van Parijs was verre van gebroken. Blijkbaar zou minder het Duitsche geschutvuur dan de hongersnood de wereldstad kunnen doen vallen; toch was Parijs voor de Duitschers het naaste doel van den oorlog geworden. Bij eene ingesloten vesting is proviand hoofdzaak. De Franschen kónden dus evenmin den wapenstilstand zonder, als de Duitschers met proviandeering aannemen. De eersten zouden, aldus handelende, zelf hun val verhaasten; de laatsten de beslissing noodeloos op eene voor hen hoogst gevaarlijke wijze verschuiven, en dus het sluiten van den vrede op een niet ver verwijderd tijdstip in gevaar brengen.

Het weigeren der proviandeering was dus met het volkenrecht niet in strijd, omdat dit eene oorlogspartij nimmer tot handelingen dwingt, welke deze tegen hare belangen acht, en niemand anders daaromtrent te beslissen heeft dan zij zelve.

De tijd, voor welken de wapenstilstand wordt gesloten, wordt in de op te maken akte der conventie bepaald, en zoo duidelijk aangewezen, dat misverstand omtrent een zekeren termijn, het aantal dagen, weken of maanden, onmogelijk is.

Sluiten