Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 2.

De onschendbaarheid van de brievenpost onttrekt de neutrale mailbooten niet aan de wetten en gebruiken van den oorlog ter zee ten aanzien van de koopvaardijschepen in het algemeen. De visitatie zal er echter niet van plaats hebben, dan in geval van noodzaak, en dan met alle mogelijke verschooning en spoed.

Schrijver dezes, niet behoord hebbende tot de comité's der 4e commissie, aan welke het onderzoek van verschillende punten was opgedragen, wees, bij de eerste gelegenheid dat de voorstellen, den 26sten September, in de Commissie zelve kwamen, op het wenschelijke om de noodzaak, bij art. 2 bedoeld, te beperken en gaf daarbij het middel aan, hiervoren bedoeld.

Het was echter toen te laat in den tijd om er verandering in te brengen.

Het voorstel van S., opgenomen in het proces-verbaal der zitting van 26 September, kan er toe leiden dat bij de volgende conferentie mailbooten met een Regeeringscommissaris van een Staat, waarvan het schip de vlag voert aan boord, als zij de verklaring afleggen, geheel van visitatie worden verschoond.

Hoofdstuk II. Vrijstelling van het buitrecht voor

sommige schepen.

Een zeer oud gebruik bracht mede dat men de kustvisschersvaartuigen in tijd van oorlog hun bedrijf vrij liet uitoefenen en het buitrecht ter zee op deze niet toepaste. Dat is thans als 't ware gewoonterecht geworden en vindt zijn grond in liet humanitair beginsel om visschers, die van hun meestal armelijk bedrijf moeten leven, de gelegenheid om hun brood te verdienen, niet te benemen. Heel braaf, maar weinig logisch, of liever het zou braver en tevens logischer zijn den particulieren eigendom van niemand te nemen en niemand te berooven van de vruchten van zijn arbeid.

Intusschen men moet het loven, indien men langs de kronkelpaden van het onrecht toch nog bijwijlen tracht den rech-

Sluiten