Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staathuishoudkundige en politieke geschriften. ') Men brenge hier in rekening, dat van religieuze zijde dikwijls het bezoek aan Openbare Leesmusea wordt tegengewerkt, en overigens zoowel religieuze als politieke partijen er voor zorgen, dat haar speciale lektuur het publiek op andere wijze toch bereikt, hetzij door brochures, hetzij door de pers.

139. Eveneens valt te wijzen op de hooge uitleencijfers voor belletristische werken van zwaarder gehalte. Voorbeelden hiervan vindt men in de gegevens, die Pfannkuche publiceerde in zijn reeds meermalen aangehaalde brochure. Terwijl ik met nadruk verwijs naar de statistieken dezer materie, te vinden in het mede boven reeds geciteerde «Bericht» der Hamburgsche Biicherhalle.

Geen van deze en soortgelijke tabellen behoeft nadere toelichting; uit haar blijkt m.i. voldoende, dat er vraag is naar beter, degelijker en meer lektuur dan kolportageromans en vereenigingen voor verspreiding van goede lektuur willen of kunnen verschaffen.

140. Lezers. Maar ook wijst de samenstelling van het lezerscorps uit, dat door Openbare Leesmusea klassen en standen bereikt worden, welke vroeger óf geen lektuur konden krijgen, óf bij gebrek aan een openbare instelling, die hun deze boeken verschafte, zich bepalen moesten tot de lektuur van de straat en het dagblad.

Ook hier missen wij de noodige eenvormig opgestelde statistische gegevens over de samenstelling van het lezerscorps, en is het m.i. nog onmogelijk lichtgevende tabellen dienaangaande samen te stellen. En evenals boven bij de bespreking van de soort en de keuze van lektuur, ziet men zich verplicht zich te bepalen tot enkele algemeen bekende feiten.

141. De gegevens hebben betrekking op het lezen door kinderen, op het bezoek van vrouwen aan Openbare Leesmusea, en op het percentcijfer van bezoekers uit de arbeidende klassen.

Reeds hierboven is uitgewijd over de taak, die Openbare Leesmusea wacht ten opzichte van de jeugdige lezers, en de overdrijving, waarvoor men zich hier te wachten heeft.

De volgende tabel, ontleend aan een opstel van Bost wiek2)

]) Zie b.v. NZ. 1894/5 S. 153; Advocatus, Rin weiteree Beitrag zurFrage: ,VVas liest der deutsche Arbeiter". Ibidem 1895/6, S. 635.

2) A. E. Bostwick, What adults and children read. In: LJ. 1896, p. 444. De cijfers zijn ontleend aan de statistieken over 1895/96 der New-York Cirenlating Library.

Sluiten