Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zeer laay bij de:

Aantal leer- Aa",al mef " lingeu op , tc,rs 100 meesters. .^mgeu op 100 meesters.

Schoenmakers IK.7 14.7

Mandenmakers 16.5 14.4

Wevers 3,2 3.1

tegenover de normale verhoudingsgetallen van : 34.0 23.4

In het algemeen worden in de steden veel meer leerlingcontracten afgesloten dan op het platteland en komen ook weer in de grootere steden in verhouding veel meer leerlingen voor dan in de kleinere.

Bij de Rijksenquète werden geteld in de steden 9711» leerlingen op 17065 meesters of 57 °/0, op het platteland 11017 leerlingen op 44134 meesters of 26.4 °/0. In de steden komen dus in verhouding meer dan 2 maal zooveel leerlingcontracten voor als op het platteland.

^ :*n de 100 meesters werken met leerlingen in de steden 84.4. op het platteland 10.2. Het verschil tusschen deze cijfers is relatief geringer dan dat tusschen de cijfers voor het aantal leerlingen op 100 meesters. Hieruit volgt, dat op het platteland het werken van veel leerlingen in één werkplaats in het algemeen minder voorkomt. Uit den aard deizaak hebben daar dan ook de kleine bazen verre de overhand.

Dat met de grootte der steden het aantal leerlingcontracten gelijken tred houdt, blijkt nog uit de volgende statistiek:

. . , i Aantal Aantal leer- A«»,al »«*-

Aantal j . ■■ ters met

meesters.! eer ,leerlingen op

I linden. 100 meesters. n" " 1 100 meesters.

1008 908 80.0 44.3

1094 1223 61.3 * 40.4

7316 4049 55.3 31.7

6747 3544 52.5 34.1

Dantzig (120.338 inwoners) . . Aken (103.470 „ ) . . Steden van 20.000 tot 100.000 inw. „ 10.000 „ 20.000 „

Aan de door ons ontvangen antwoorden ontleenen wij nog de volgende cijfers:

In Hannover komen gemiddeld op 100 meesters 60 leerlingen of 60" u, in Essen waren in 1895 bij ongeveer 400 Innungsmeesteis circa 250 leerlingen werkzaam of 62.5 °/0, bij de schilders 60 leerlingen op 75 meesters of 80%, bij de schrijnwerkers 45 leerlingen op 45 meesters of 100 "/„.

Sluiten