Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dit zou dan ook in strijd zijn met het karakter van duurzaamheid, hetwelk aan het leerlingcontract naar zijne strekking toekomt.

VIII. Resultaten van het leerlingwezen.

(i. In het algemeen.

Over de vraag, of de wettelijke bepalingen betreffende het leerlingwezen en daarop berustende feitelijke toestanden een merkbaar goeden invloed op het jongere geslacht hebben geoefend, loopen de meeningen onzer berichtgevers nog al uiteen. Tegenover de bewering van den één. dat de toestand van den leerling weliswaar in menig opzicht beter is geworden, doch het zeer de vraag is, of dit door den invloed deiwettelijke regeling is geschied, staat de meening van een ander, dat zonder de wettelijke bepalingen de leerlingopleiding het zeker niet zóó ver zou hebben gebracht als thans bet geval is. Onverklaarbaar zijn deze tegenstrijdigheden zeker niet, daar toch bij de beschouwing dezer zaak zeer veel afhangt van subjectief inzicht en van persoonlijke ervaring.

Ter juiste beoordeeling der vraag zal in het oog moeten worden gehouden, dat wettelijke bepalingen slechts in beperkte mate een invloed ten goede kunnen oefenen. Meer dan deze werken ook op liet leerlingwezen de sociale en economische toestanden, welke het geheele ambacht beheerst-hen.

De wijzigingen, welke zich in den loop dezer eeuw zoowel in technisch als in sociaal-politisch opzicht in het handwerk hebben voorgedaan, hebben ook op de toestanden van het leerlingwezen hare krachtige werking doen gevoelen.

De arbeidsverdeeling is in het ambacht steeds grooter geworden, ten gevolge waarvan de leerling niet meer in de gelegenheid is, alle onderdeelen van liet bedrijf practisch te leeren kennen.

Door de invoering der machines is in vele vakken de beteekenis van het handwerk belangrijk verminderd en daarvoor vaak niet veel meer overgebleven dan reparatiewerk en het in elkaar zetten der door de fabriek afgeleverde onderdeelen.

De steeds toenemende concurrentie der groot-industrie heeft ten gevolge, dat het voor den kleinen patroon steeds moeielijker wordt, geregeld voldoende werk te hebben en zijne leerlingen steeds nuttig bezig te houden, waaronder dus de leerlingopleiding in sterke mate lijdt.

Sluiten