Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geen kleinigheid, voorwaar! Het „Schweinegliick", in de internationale sociaaldemokratie zoo bekend, een verrassende vergoeding: voor het „Pech", voor de tegenvallertjes, ook onze partij niet bespaard. Een breken van de grootste zuil, die den tempel der reaktie droeg, door den Simson van het proletariaat, nadat hem het haar in de afgeloopen jaren zoo leelijk was afgesneden — breken van die zuil, ineenstorten van dien tempel, zonder dat Simson zelf in de puinhoopen behoeft te vergaan.

Integendeel, na dien val steekt hij boven de puinhoopen uit, jong, sterk, ongedeerd en ziet, zijne haren zijn weer aangegroeid en de Filistijnen mogen weer sidderen. Een heerlijk feit in onzen klassenstrijd. Niet slechts, omdat daarmede een systeem, tegen het socialisme vooral gericht, omdat daardoor de man, die t gansche volk tegen de sociaaldemokratie dacht mobiel te maken, omdat daardoor de bloedhond van 1903, de „Worger" der onafhankelijke vakbeweging door de partij zijner slachtoffers en der buiten de qemeenschan gebannenen van de macht is beroofd. Maar ook en vooral, omdat daarmede aan elke Regeering de les wordt gegeven, die ik deze Regeering reeds in 1904 had toegedacht, nl dat de sociaaldemokratie in Nederland, ondanks het slechte kiesrecht, reeds sterk genoeg is, om aanvallen als die van Kuyper in April 1903 langs politieken weg te kunnen wreken. Er is in die dagen gezegd: hadden wij slechts algemeen kiesrecht gehad, dan zou de Reaktie haar aanval niet hebben gewaagd! dienden, de eigenaardige machtsverhouding der burgerlijke partijen onderling maakt, dat ook met het bestaande kiesrecht de Reaktie niet veilig blijkt voor onze^ politieke macht. Dat geeft moed, dat geeft echter veel veel meer: een prachtig nieuw wapen in onzen strijd tegen het anarchisme, een propagandamiddel voor de politieke aktie onder de arbeiders, dat de politieke organisatie der Nederlandsche arbeidersklasse ten goede zal komen. Waar het economische wapen in den strijd tegen Kuyper te zwak bleek, heeft het politieke wapen, heeft het stembiljet hem overwonnen. Maar die propaganda, de meest noodige in de verwarring, nog steeds door het anarchisme gezaaid, konden wij alleen dan uit deze verkiezingen afleiden, als wjj het politieke wapen, op het oogenbhk dat t ons dien dienst bewijzen kon. dan ook werkelijk aebruikten.

Yanxrnj" £roo*er l>eteekenis, niet slechts voor onze partij, doch voor dé gansche Nederlansche politiek, is het feit, dat door het optreden der soc. dem. kiezers bij de herstemmingen een parlementaire toestand is geschapen, die de beruchte antithese- misschien zelfs officieel en moreel, in elk geval metterdaad plotseling onmogelijk maakt. Het is hier de plaats, de partijgenooten, die in ons werken b;j de herstemmingen een erkenning der antithese hebben gezien, daarmee even banaal den schijn voor wezen nemende als (maar dan met opzet!) de christelijke pers, even van het voorbarige en oppervlakkige hunner meening en van net roekelooze harer publiceering, te overtuigen.

Dit erkent toch zelfs de Standaard, dat de soc. dem. stemmen tegen Kuyper een antwoord zijn op zijne dwangwetten. Moeten wjj zeiven dan de zaak anders voorstellen. Neen, laat het nog eens duideljjk gezegd zijn: niet het anti-klerikahsme, maar rechtmatige toorn over de schanddaden van het Kuyperregiem heeft de socialistische kiezers van 28 Juni „tegen Kuyper" gedreven op een oogenbhk, waar zijn val tevens beteekende: een enorme versterking van de positie der Arbeiderspartij, zelfs bij verlies van een zetel, in de nieuwe Kamer. Kuyper eronder en de liberalen er niet bovenop — is er voor ons sterker positie denkbaar? Mogen wij de zaak zM voorstellen, alsof het antiklerikalisme op 28 Juni alle oppositie-partijen zou hebben bijeengedreven? Maar dan zouden wij ook de konsekwentie dier leuze hebben te aanvaarden en zou de weg geopend zijn voor een anti-klerikaal verbond als in Frankrijk.

Aeen, beangste vrienden, die zoo snel naar de pen grijpt en zoo weinig

Sluiten