Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ongetwijfeld — op zijn raad werden kiesvereenigingen opgericht, die naar zijn wensch den veelbeteekenenden naam van rNederlnnd en Oranje" aannamen, daarmede den christenen in den lande aanduidende hun roeping jegens het vaderland, maar eene roeping in overeenstemming met de beginselen, die Oranje leidden in den strijd voor de rechten en vrijheden des volks. Die kiesvereenigingen waren evenwel niet vereenigd, traden niet gezamenlijk op, stonden zelfs niet zelden tegenover elkander. Groen was voor de kiesvereenigingen de band, in zooverre hij een levend program was; en zonder Groen schenen ze geen waarde te hebben. Want toen hij in 1876 was gestorven, scheen het voor velen wel alsof het niet onze partij gedaaan was: zonder organisatie, zonder program, zonder leider, terwijl DR. KlJVPER wegens ziekte in het buitenland vertoefde.

Was Groen de leider van onze partij? Maar ieder weet, dat hij slechts enkele jaren 11a 1848 zitting in de Kamer had; dat hij daar wel een welwillend gehoor maar zelden volgelingen vond: een veldheer zonder leger; dat zelfs zijn vrienden hem meermalen in 's lands Raadzaal bestreden; en dat zijn optreden in het Parlement van weinig invloed is geweest op de beslissingen der Kamer. Wat meer is: ten aanzien van de oplossing van tal van staatkundige vraagstukken verkeerde men in het onzekere hoe Groen zich die langs wetgevenden weg dacht.

Toch zal Groen door alle tijden heen beschouwd blijven als de stichter, de grondlegger, de eerste leider van de anti-revolutionaire

In 1834 werd Groen door Koning1 Willem I belust met liet toezicht op het huisarchief v;in Oranje. Daardoor kwam hij in aanraking met de rijkste bronnen van onze geschiedenis. Ook maakte hij eene buitenlandsche reis om meerdere ge gegevens voor de historie van Oranje en Nederland op te zamelen, en onderzocht voor dat doel de archieven van Parijs, Gassel en Besanijon. Zijn beroemd werk Les archites de la Maison <t'Oranje-A'astau is van dien arbeid de vrucht.

Daarun, in 1830. vestigde Groen van Prinsterer zich voorgoed te 's Gravenhage, waar hij op den Korten Vijverberg onafgebroken tot zijn dood woonde; des zomers op zijn buitenverblijf ouder Wassenaar.

In 1810 werd hij voor het eerst tot lid van de Tweede Kamer gekozen en had vervolgens zitting van 1849 — 183 +. van 1855—1857 en van 1862—1865.

Groen van Prinsterer overleed den 19den Mei 1876 te's Gravenhage; zijne vrouw volgde hem drie jaren later. Hij stierf zonder kinderen 11a te laten. Op de begraafplaats „Ter Navolging", aan het eind van den Scheveningschen weg en dus vlak bij het visschersdorp, werd zijn stoffelijk overschot ter aarde besteld.

Sluiten