Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gemeen is als voorheen, terwijl de kwestie van de pachtprijzen er eene is van zoo lokalen en particulieren aard, dat zij onmogelijk deel kan uitmaken van een program, voor een geheel land gesteld. . .

Duidelijker en nadrukkelijker te zeggen: het programpunt was overeenkomstig het verlangen van arbeiders die op niets acht geven dan hun onmiddelijk voordeel, en geheel en al naar hunne plaatselijke behoeften ingericht, zoodat wij in Februari 1904 voor verouderd moesten verklaren, wat de partijleider in April 1901 het toppunt eenei goede sociaaldemokratische politiek betitelde — nadrukkelijker en duidelijker het opportunistisch streven van dien leider teveroordeelen, is wel niet mogelijk. Hier ziet men wat onder de schoonschijnende leuze van praktische politiek, van het letten op de eischen der werkelijkheid, of hoe het streven dat alleen naar onmiddellijk sukces vraagt anders geprezen wordt, van sociaaldemokratische programma's terecht komt. Een algemeen verkiezingsprogram, dat van geen enkele plaatselijke beperking melding maakt, ot niet spreekt van eenigen buitengewonen toestand, moet binnen den tijd van drie korte jaren vervallen worden verklaard omdat het louter lokale en tijdelijke belangen op het oog had — die het niet noemde. Belangen van enkele kiesdlstrikten, die als met namen aan te wijzen zouden geweest zijn! De eischen der praktijk opgevat in den engst mogelijken zin: in den zin van verkiezingspraktijk! En deze betoogd — wat het ergst van alles is met een omhaal van theoretische redeneering alsof men onwankelbare en eeuwige waarheden verkondigde, polemisch gericht tot eenige dwaze fanatiekers van het Marxistisch dogma!

Bij de toelichting van het verkiezingsprogram heeft Troelstra het opportunistisch karakter der voorgestelde bepalingen in een zeer gunstig licht geplaatst. Behalve Troelstra, ook Van Kol en P. L Tak.

Op het kongres van Utrecht roemde Troelstra de goede werking van het vorig program (van 1897) dat in hoofdzaak onveranderd door het party bestuur was voorgesteld:

„Wat in geen ander land dan Denemarken gelukt was, op het platteland een klassebeweging van door het kapitaal uitgebuiten te wekken, was in ons land gelukt. De meerderheid der socialistische volksvertegemcoordigers is afgevaardigd door de landbevolking.

... In 96 had spr. een resolutie voorgesteld waarin koöperaties werden voorgesteld, terwijl zoo lang ons dat niet mogelijk was, het pachtcontrakt verbeterd en de grond in pacht moest worden gegeven. Het is niet toevallig dat spreker thans een andere paragraaf voorstelt. . . Spr. was met die vorige paragraaf den boer opgegaan en tegen dat op den voorgrond stellen der koöperatieve bebouwing zagen de menschen op als iets zoo onwezenlijks, iets zoo in de lucht hangends, dat ze het niet begrepen."

Men kan het niet duidelijker zeggen: de koöperatie ging boven het begrip van de kiezers, van de kiezers die over de kamerzetels onzer afgevaardigden beschikken. Daarom moet men hun iets beloven dat zij wel begrijpen: een stukje gemeentegrond op voorwaar-

Sluiten