Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maritime des principes de let Convention de Getwve du

22 Aoüt 1804).

Dit werd geteekend door dezelfde Staten die het voorgaande verdrag teekenden, behalve door Groot-Britannië, dat niet teekende omdat Art. 10 dier Conventie met de Engelsche wetgeving omtrent de persoonlijke vrijheid niet was overeen te brengen.

Voorts zijn door de meeste op de Conferentie vertegenwoordigde Staten, waaronder ook Nederland, nog geteekend drie Verklaringen:

1". de Verklaring, houdende verbod, gedurende vijfjaren, om projectielen of ontplofbare stoffen uit ballons ot op dergelijke nieuwe wijze te werpen;

2U. de Verklaring, houdende verbod tot het bezigen van projectielen met het eenige doel om verstikkende of vergiftige gassen te verspreiden;

3U. de Verklaring, houdende verbod tot het bezigen van kogels, die zich in het menschelijk lichaam gemakkelijk uitzetten of vervormen, zooals de kogels met harden mantel, waarvan de mantel niet geheel de kern dekt of van inkervingen is voorzien.

f. Het „Institut de droit international." Van geheel anderen aard, als de daarom ook in de eerste plaats opgenoemde otficieele acten van Staten of Staatsgemachtigden, is de oprichting van dit Instituut. Zij is niettemin eene zaak van gewicht voor het oorlogsrecht.

In vele landen ontstond, bijna gelijktijdig, bij hen, die het internationaal recht beoefenden, de wensch naar een kiachtig orgaan, naar een vereenigd handelen. Liebei, Holtzendorff, Heffter, Calvo, Drouyn de Lhuys, de Parieu, Cauchy, Hautefeuille, Bluntschli, Mancini, de Laveleye, Asser, Dudley-Field, Moynier en andere mannen, bekend als meesters op dit gebied, sloten zich in September 1873 te Gent aan bij den heer R o 1 i n-J a e q u e m y n s, later Minister van Binnenlandsche Zaken in België, die het eerst het denkbeeld van vereeniging in vorm bracht.

Sluiten