Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beroep op het Tractaat van Berlijn, verklarende dat Griekenland verplicht was te waken voor zijne belangen, die het door de aanhechting van Oost-Roemelië aan Bulgarije bedreigd achtte.

Toen, in den inmiddels uitgebroken oorlog tusschen Servië en Bulgarije, Vorst Al ex ander eene beslissende overwinning bij Pirot had behaald, werden de Grieken nog oorlogzuchtiger en zonden de bewoners van Kreta een verzoekschrift aan de Groote Mogendheden om van Turkije te worden verlost en met Griekenland te worden vereenigd. Deze drongen zoowel te Sofia en Belgrado als te Athene op ontwapening aan. Toen dat te vergeefs bleek te zijn, werd op voorstel van Lord Salesbury eene tweede nota te Athene overhandigd, waarbij werd verklaard dat Griekenland geen recht had om Turkije te beoorlogen en dat een aanval ter zee, wegens de nadeelen die daardoor aan den handel zouden worden toegebracht, niet zou worden geduld. Den lste" Februari 1886 antwoordde Delyannis dat die nota een inbreuk was op 's lands onafhankelijkheid en belangen.

De Mogendheden hadden inmiddels oorlogsschepen naar Kreta gezonden, waarover de Engelsche vlootvoogd het commando verkreeg, met de opdracht om de Grieksche oorlogsschepen zoodanig te bewaken, dat eene botsing tusschen deze en de Turksche vloot werd voorkomen.

Griekenland stoorde zich daar echter niet aan, concentreerde een leger van 70.000 man in Thessalië en, ofschoon Turkije daar tegenover op zijn grensgebied een veel sterker leger stelde, begonnen de Grieksche voorposten reeds te schermutselen met de Turksche, toen de Mogendheden het in het belang van den vrede achtten Griekenland een ultimatum te doen toekomen, waarin het gelast werd zich te ontwapenen, wilde het niet door eene blokkade daartoe gedwongen worden. Het voorstel van de blokkade was van Rosebery, Engelands Minister van Buitenlandsche Zaken in het daar inmiddels aan het roer gekomen Ministerie Gladstone, uitgegaan en door alle Mogendheden, behalve door Frankrijk, aangenomen. Na herhaalde vruchtelooze onderhandelingen was het einde dat de Gezanten der vijf groote Mogendheden, 7 Mei 1886, Athene verlieten en ieder van hen zich begaf aan boord van het schip van zijn vlag. De blokkade omvatte de Oostkust van Griekenland; alleen de schepen onder Grieksche vlag werden aan dien maatregel onderworpen.

Twee dagen later diende het Ministerie Delyannis zijn ontslag in, dat door den Koning werd aangenomen. Het nieuwe Ministerie Trikoepis beval het terugroepen der troepen uit Thessalië en de demobilisatie, ongeacht juist op de grens een gevecht was geleverd, waarbij de Grieken het onderspit hadden gedolven, 200 dooden en 800 in handen der Turken als gevangenen achterlatende. Den 7den Juli d. a. v. werd de blokkade opgeheven.

Sluiten