Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

raliteit gebruik ze als vatbaar voor prijsverklaring te beschouwen, wanneer hunne bestemming en voorgenomen gebruik daartoe aanleiding geven '). Kaas, tot marinegebruik, en bestemd voor eene marinehaven, werd in het geval van het Hollandsch schip Zelden Rast verbeurd verklaard 2).

De Britsche autoriteiten in Zuid-Afrika hadden in het begin van den oorlog alle levensmiddelen voor de Republieken bestemd, terug gehouden. In de eerste dagen van November 1899 werd daarop door de Regeering te Pretoria aan Lord Salisbury geseind: „Aangezien wij zoovele uwer krijgsgevangenen hier hebben (bijna 2000) „ zullen wij. ingeval gij voortgaat invoer van voedsel te stoppen, verplicht zijn uw soldaten hier met miliepap te voeden." Den 19den November kwam hierop een antwoord van Chamberlain dat reeds order was gegeven de bevolen beperking van invoer van voedingsmiddelen naar de Zuid-Afrikaansche Republieken opteheffen. Toch bleef bepaald dat levensmiddelen, door een neutraal schip te brengen naar een neutrale haven. niet in beslag kunnen genomen worden. uitgezonderd zoo het bewezen wordt dat ze voor den vijand bestemd zijn. In dat laatste geval werd er nog onderscheid gemaakt in het soort levensmiddelen. De strekking was toen (Januari 1900) over het algemeen doortelaten levensmiddelen, welke aangenomen werden niet dadelijk of uitsluitend tot militaire doeleinden te dienen, bijv. graan. Uit dien hoofde verkreeg „de Maria", die onder Nederlandsc-he vlag voer (reederij Joh. de Poorter te Rotterdam) verlof, na eerst te Port Elisabeth opgebracht te zijn, met haar lading graan de reis naar Delagoabaai te vervolgen. Vleesch in blikjes en dergelijke victualie, waarvan troepen te velde in den regel voorzien worden, mocht niet worden doorgevoerd.

Gemunt geld wordt tegenwoordig niet meer als contrabande beschouwd.

De militaire telegraphie is in de jongste Engelsche wetsbepalingen tegen schending van de plichten der onzijdigheid opgenomen onder de zaken, waaromtrent de vrijheid van handel beperkt is.

Steenkolen worden door eenigen wel, door anderen niet als contrabande beschouwd. Ten gevolge van de uitgebreide toepassing van den stoom op de oorlogsschepen van den tegenwoordigen tijd is de partij, die geen steenkolen bezit, ter zee machteloos. Vandaar dat Engeland heeft getracht overal in den Oceaan steenkolen-stations te bezitten. Steenkolen kunnen dus als wapen worden beschouwd, vooral bij rammen. Staten die zelf steenkolenmijnen bezitten en Staten waar geen kolenlagen worden aangetroffen, zullen, wanneer deze een zeeoorlog met elkander voeren, gewoonlijk omtrent het al of niet toelaten van

1) Halleck, vol II, p. 262.

2) Phillimore, vol III, p. 353.

Sluiten