Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mois d'Aoüt 1660 (voor Limburg), waarvan de strafbepalingen zijn gehandhaafd in artikel 10 van de Invoeringswet >) en hebben voorts hierop althans gedeeltelijk betrekking de wet van den 28»ten Febr. 1891 (Stbl. n°. 69), tot vaststelling van bepalingen betreffende 's liijks waterstaatswerken en de daaruit voortgevloeide algemeene maatregelen van bestuur. Voor de niet-bevaarbare noch vlotbare wateren bevatten bepalingen de loi du 4 Mai 1803 (14 Floréal, an IX), relative au curage des canaux et rivières non navigables, et a Ventretien des digues qui y correspondent en het Koninklijk besluit van den lOden September 1830, Stbl. n°. 59, waarbij het toevoorzigt over de niet-bevaarbare, noch vlotbare wateren, aan Gedeputeerde Staten

wordt opgedragen.

Evenais boven door ons betreffende de verveningenwet werd medegedeeld, heeft ook de wet van 28 Februari 1901 haar ontstaan te danken aan het feit, dat de wet van 6 Maart 1818 zou vervallen en hierdoor alle maatregelen van bestuur, welke niet op eene wet steunden, zonder strafbepaling zouden zijn 2). Zij draagt aan de Kroon op bepalingen vast te stellen, betreffende:

.1°. het met vaartuigen, vlotten of andere voorwerpen gebruik maken van openbare wateren, onder beheer van het Rijk, waaronder in deze wet mede verstaan worden territoriale wateren;

2° het gebruik maken van kribben, dammen, steigers, veerponden ' veerbooten, duikers, dukdalven, remmingswerken en andere werken in, over of onder de sub 1°- vermelde wateren; alsmede van sluizen en bruggen, alles voor zoover die werken zijn waterstaatswerken onder beheer van het Rijk,

3°. het gebruik maken van de zeestranden, zeekeerende duinen en andere zeeweringen en van kaden, losplaatsen, meerpalen, dijken, bermen, glooiingen, wallen en oevers onder beheer van het Rijk, 4». het veranderen of het opzettelijk belemmeren van den loop

van de wateren, sub 1°. vermeld;

5°. het baggeren, graven en slikkeren, alsmede het visschen, aalgeeren of rapen van schelpdieren of mosselzaad op of langs de

1) Zie voor deze bepalingen o. a. Mr. E. Fokker. De Waterstaatswetgeving in Nederland bij den aanvang der twintigste eeuw; tekstuitgaaf der meest belangrijke wettelijke bepalingen op het gebied van den waterstaat.

2) Zie over de wet van 1891 boven bladz. 124. Vgl. ook voor den strijd over haar karakter Mr. C. J. H. Schepel, Wegenrecht in Nederland, Acad. Proefschr. Groningen 1895, bladz. 158 v.

Sluiten