Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belangen der gemeente naar behooren te behartigen en ingrijpen van hooger hand noodzakelijk kan zijn. De grondwetsherziening heeft in dit gelukkig zeer bijzondere geval voorzien en onder de noodige waarborgen de gelegenheid geopend, wanneer dit voorkomt, een ander gezag in de plaats te stellen van het weigerachtig gemeentebestuur '). Voor elk bijzonder geval zal de wet moeten bepalen op welke wijze dit zal geschieden.

Met het oog op de mogelijkheid dat de gemeente in gebreke blijft hare verplichtingen als agent van het Rijks- of provinciaal bestuur na te komen verlangt de Grondwet, dat een algemeen wettelijk voorschrift zal bepalen, welk gezag alsdan het gemeentebestuur vervangt 2) 3).

Als zedelijk lichaam bezit de gemeente eigendommen, waarop zij evenals elk individu alle rechten, die de wet den eigenaar toekent, kan uitoefenen. In hare beschikkingsbevoegdheid is zij slechts in zooverre beperkt, dat zij voor het verkoopen, verruilen of bezwaren, het onderhands verhuren, verpachten of in gebruik geven dier eigendommen de goedkeuring van Gedeputeerde Staten noodig heeft.

Doch ook in hare hoedanigheid als staatsrechtelijk lichaam is haar over sommige zaken gezag toegekend. Minder eigenaardig is men gewoon te zeggen, dat zij die zaken in publieken of publiekrechtelijken eigendom heeft, in tegenstelling met de boven besproken zaken, die zij in privaten of privaatrechtelijken eigendom bezit. De hierbedoelde zaken: wegen, straten, pleinen, grachten, vaarten, kanalen, bruggen, havens, kaden, wallen en gebouwen welke tot

1) Art. 144, 4e lid. Wanneer de regeling en het bestuur van de huishouding eener gemeente door den gemeenteraad grovelijk worden verwaarloosd . kan eene wet de wijze bepalen, waarop in het bestuur dier gemeente, met afwijking van de beide eerste zinsneden van dit artikel, wordt voorzien.

2) Art. 144. 5e lid. De wet bepaalt, welk gezag het gemeentebestuur vervangt, wanneer dit in gebreke blijft in de uitvoering der wetten, der algemeene maatregelen van bestuur of der provinciale verordeningen te voorzien.

3) Uit den aard der zaak is deze bepaling evenals die van art. 144, 3C lid (zie bladz. 596) nieuw. In aansluiting met de verplichting in art. 126 der Gemeentewet aan de gemeentebesturen opgelegd, bepaalt art. 127 echter, dat wanneer Burgemeester en Wethouders niet of niet behoorlijk voor deze uitvoering zorg dragen, de Commissaris des Konings in de provincie, ten koste der nalatigen, daarin kan voorzien.

Sluiten