Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJDRAGE TOT DE KENNIS VAN DE GODSDIENSTIGE VERDRAAGZAAMHEID VAN PRINS WILLEM I'),

DOOR

J. P. SCHOLTE.

Zeer verschillend is het oordeel, dat over den Prins van Oranje geveld wordt. J. L. Motley spreekt over hem, als van een man „innig vroom van hart, verdraagzaam „jegens hetgeen hem dwaling scheen; zelf in oprechtheid „en uit volle overtuiging een aanhanger der Hervormde „Kerk, wenschte hij der Roomsch-Katholieke Kerk ter eene, „den Wederdoopers ter andere zijde vrijheid van eeredienst „te zien toegekend; want niemand voelde zoo sterk als „hij, dat de hervormer, die op zijn beurt vervolger wordt, „zich dubbel hatelijk aanstelt"s). Groen van Prinsterer getuigt van hem, „dat zijn christendom niet bestond in „een vaag en krachteloos religieus gevoel, in een beroep „op de Voorzienigheid en onbeteekende algemeenheden „van een Deïsme, verborgen onder een evangelisch tintje; „dat hij, zonder theoloog te zijn, toch die theologie of

1) Naar aanleiding van de brieven betreffende de consciëntie-vrijheid der Doopsgezinden te Middelburg, welke hierachter als Bijlagen worden afgedrukt.

2) I. L. Motley, The rise of the dutch republic, London, S. O. Beeton, 1859, p. 440.

Sluiten