Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 133. Aan den raad wordt de regeling en het bestuur van het gemeentelijk huishouden overgelaten. Op de verordeningen, welke hij te dien aanzien maakt, en aan de provinciale Staten moet mededeelen, is de bepaling van art. 127 toepasselijk.

Art. 134. De besluiten der plaatselijke besturen, rakende de beschikking over gemeente-eigendom en zoodanige andere burgerlilke regtshandelingen, welke de wet aanwijst, alsmede de begrootingen van inkomsten en uitgaven, worden aan de goedkeuring der provinciale Staten onderworpen.

Art. 135. Het besluit van een gemeente-bestuur tot op egging eener belasting wordt voorgedragen aan de provinciale Staten, die van hun onderzoek verslag doen aan den Koning, zonder wiens goedkeuring geene plaatselijke belasting kan worden

De wet geeft algemeene regels ten aanzien der plaatselijke belastingen.

Art. 136. Zij regelt ook het opnemen en sluiten der plaatselijke rekeningen.

Art. 137. De gemelde besturen mogen de belangen van hunne plaatsen en derzelver ingezetenen bij den Koning en de Staten hunner provinciën voorstaan.

VIJFDE HOOFDSTUK.

Van de Justitie.

EERSTE AFDEELING.

Algemeene beschikkingen.

Art. 138. Er wordt alomme in de Nederlanden regt gesproken in naam des Konings.

Sluiten