Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 81. De Staten-Generaal zijn verdeeld in eene Eerste en Tweede Kamer.

Art. 82. De leden der Tweede Kamer worden regtstreeks gekozen door de meerderjarige mannelijke ingezetenen, Nederlanders, die niet bij regterlijke uitspraak de beschikking 0f het beheer hunner goederen hebben verloren, noch van eenige regten zijn ontzet, en die

hetzij ter zake van de bewoning van een huis of een gedeelte daarvan in de belasting ten volle zijn aangeslagen en het uit dien hoofde over het laatst verloopen dienstjaar verschuldigde geheel hebben voldaan ;

hetzij wonen op kamers, niet afzonderlijk in zoodanig belastingen aangeslagen, en waarvan de jaarlijksche huurwaarde ongemeubeld ten minste zooveel bedraagt als de som waarop de minste ten volle belastbare huurwaarde daar ter plaatse is gesteld

Het bedrag van de minste ten volle belastbare huurwaarde wordt door de wet nergens lager dan f36 of hooger dan f 300 bepaald.

Wordt ter zake van de bewoning van huizen geen Rijksbelasting geheven, dan wordt het kiesregt afhankelijk gesteld van de huurwaarde der woning of het gedeelte daarvan, hetwelk men krachtens eenige pensoonlijk of zakelijk regt in gebruik heeft De minste jaarlijksche huurwaarde die kiesregt geeft wordt dan door de wet nergens lager dan op f 52 of hooger dan op f 300 gesteld.

Art. 83. De Tweede Kamer bestaat uit 90 leden.

In geval van verdeeling van het Rijk in kiesdistricten wordt het getal naar de bevolking over de onderscheidene kiesdistricten verdeeld.

De verdere regels omtrent het kiesregt en de wijze van verkiezing stelt de wet.

Art. 84. De Eerste Kamer bestaat uit 39 leden,

Zij moeten behooren tot de hoogst aangeslagenen in de rijks directe belastingen.

Sluiten