Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als gij dan iets van de vrijmetselarij weten wilt, antwoordde, mij de pastoor, lees dan eens wat van Leo Taxil.

Ik las een stuk van den destijds gevierden schrijver, en toen ik daarop den pastoor weer sprak, gaf ik als mijne meening te kennen, dat het boek zeker veel onwaarheid moest bevatten; dat al die kinderachtige zotternijen zeker niet zouden worden uitgehaald in loges, waarvan veel menschen lid waren, die als ernstig en fatsoenlijk bekend stonden. Het spreekt van zelf, dat de pastoor zich verwonderde en ergerde over mijn ongeloof op dat punt. De heele katholieke wereld was thans overtuigd van het bestaan der vreeselijke gruwelen in de vrijmetselarij, zei terecht Z.E.W.

Ziehier dan die zoo leerrijke Taxil-geschiedenis in het kort verhaald. Ik zeg in het kort, want de mystificatie duurde tien jaren, en in dien tijd werden boekdeelen erover geschreven en door de Katholieken gelezen, het eene al dwazer dan het andere.

Jogand I agès, een Fransch schrijver, onder den schuilnaam Leo Taxil, lid eener Parijsche loge, verklaarde in 1885 de vrijmetselarij verlaten en zich tot het katholieke geloof bekeerd te hebben.

Groote vreugde natuurlijk in het katholieke kamp, want men begrijpt, dat de bekeering als een blijde boodschap werd verkondigd. Spoedig zette de bekeerde vrijmetselaar zich aan den arbeid om in zijn voornaamste werk „De Driepunten-Broeders" de verfoeilijke orde te ontmaskeren.

Van al den kinderachtigen, handtastelijken onzin en zotternijen, die daarin worden opgedischt, kan ik slechts een paar staaltjes aanhalen. Het spreekt wel van zelf, dat de dwaze leugens vermengd zijn met werkelijk bestaande maijonieke ceremoniën. Sommige verhalen zijn van te zeer viezen aard, om ze hier te kunnen beschrijven, want de vrijmetselaars verschijnen daar als vreeselijke monsters van ontucht.

Van den candidaat, die zich in een bepaalden graad ter aanneming heeft aangemeld, wordt het volgende verhaald: Hij wordt met een zwarten doek op het hoofd geleid in een kleine kamer zonder licht, maar waarvan de wanden bedekt zijn met spookachtige transparanten, waarop de hel is afgebeeld; in die hel hebben duivels en verdoemden echter van vreugde stralende gezichten. Men ziet er bekende vervloekten uit het Oude Testament, en Hiram, de beweerde oprichter der vrijmetselarij, wordt er door Satan gekroond. De hoogere graden der vrijmetselarij staan volgens Taxil dan ook geheel onder den invloed van en in voortdurende verbinding met Lucifer, en doen druk aan allerlei duivelskunsten. De candidaat wordt geblinddoekt van de duivelskamer gebracht in de Witte Zaal, die weder met duivelsche

Sluiten